Aug 10

rabobankinnovatie250x117Vanuit de Rabobank hebben Ruud Smeulders (zie zijn LinkedIn profiel en zijn website BrilliantBrains) en ik een jaar of 4-5 geleden een opleiding opgezet om medewerkers van de Rabobank innovatiever te laten werken. Ruud werkte toen als innovatiemanager bij de Rabobank, ik was als externe hoofddocent verantwoordelijk voor het didactisch ontwerp en de begeleiding van het leerproces. Een paar jaar hebben we succesvol dit leertraject met veel plezier uitgevoerd. De naam: Innovatie in alles wat we doen! Het ging erom dat deelnemers in het dagelijkse werk innovatiever worden en niet enkel in specifieke trajecten. Aan de eerste uitvoering namen Rabobank ICT’ers deel, vanaf de tweede uitvoering was het een gemêleerde groep; collega’s van lokale banken en van het hoofdkantoor, met verschillende achtergronden waaronder financieel en HR, net ingestroomd in de organisatie of al vele jaren in dienst.

Hoe maak je iemand innovatief?

Het is een grote uitdaging om iemand innovatiever te maken. Is een cursus daar wel het beste instrument voor? We zijn gestart met een opzet waarbij we 5 middagen combineerden met een eigen idee van elke cursist, dit idee werd uitgewerkt gedurende het leertraject. Op deze manier werd de link naar de eigen praktijk gelegd. We huurden (goede) gastdocenten in die inhoudelijke expertise inbrachten. Naast de klassikale bijeenkomsten organiseerden we webinars en werd er individueel en samen geleerd in een leeromgeving; Moodle. Natuurlijk maakt een cursus of leertraject iemand niet automatisch innovatief. Er vinden dan ook binnen de Rabobank vele initiatieven plaats en is een cultuur van innovatie belangrijk. Met het leertraject willen we een deel van de puzzel bieden en geven we deelnemers methodieken, inzichten, ideeën, tools, inspiratie, contacten (binnen en buiten de bank) en aandacht en terugkoppeling voor het eigen idee.

Uitgangspunten nieuw leertraject Innoveren in alles wat we doen

innoverenVorig jaar heeft Rabobankcollega Maarten Korz van Ruud het stokje overgenomen en hebben we een herontwerp doorgevoerd. Met een groepje binnen de Rabobank van innovatiespecialisten en innovatie in HR specialist Jan Nieuweboer hebben we gekeken hoe we het leren nog prikkelender konden maken. We kwamen op het idee om:

  1. meer gebruik te maken van de expertise van deelnemers;
  2. de contactmomenten uit te breiden en te concentreren in een soort hackatonsessies;
  3. minder externe docenten in te schakelen;
  4. meer keuzes in het leerproces te laten aan de deelnemer;
  5. het eigen innovatie idee actief te laten uitwerken (t/m pitch).

1. Gebruik expertise van deelnemers

Vooral dit was een belangrijk punt. Er is veel en gevarieerde voorkennis en ervaring aanwezig in de groep deelnemers. Geïnspireerd door het ‘Googler-to-Googlers’ programma (zie blogpost) waarbij een groot deel van de trainingen in Google worden verzorgd door collega’s vroegen we deelnemers op welke manier ze hun kennis wilden delen. Ze konden een onderwerp kiezen en een vorm. Het mocht in de vorm van een webinar, een presentatie, een workshop, etc.

2. 24-uurssessies

We merkten dat 5 middagen veel gefragmenteerde aandacht opleverden. Zeker toen we een keer in het hoofdkantoor van Rabobank zaten merkten we dat we nooit de hele groep compleet hadden. We besloten het aantal F2F contactmomenten te verminderen maar er wel intensievere sessies van de maken. We hebben twee 24-uurssessies georganiseerd waarbij deelnemers donderdag om 15.00 uur tot 22.30 uur aan de slag gingen. We bleven overnachten en vrijdag gingen we na een gezamenlijk ontbijt weer hard aan het werk tot 15.00 uur.

3. Minder externe docenten

We hadden hele goede en minder goede externe docenten gehad maar we wisten ook dat er binnen de Rabobank veel kennis aanwezig was. We hebben ervoor gekozen om minder extern te gaan zoeken en meer Rabobank innovators erbij te vragen. Dit sloot ook goed aan bij punt 1.

4. Meer keuzes aan de deelnemers

We wilden dat de deelnemers een persoonlijk leerpad konden volgen. We besloten om een paar deliverables vast te stellen en de deelnemers bepalen hoe ze hiertoe komen. Ze kunnen aan een workshop deelnemen, artikelen lezen etc. maar misschien hebben ze al veel ervaring met zo’n resultaat en hoeven ze er niets meer voor te leren.

5.  Actief uitwerken eigen idee

De deelnemers nemen een eigen idee mee (afgestemd met hun manager) en doorlopen met dat idee het hele innovatietraject. Aan het einde pitchen ze aan een interne Rabobank jury het uitgewerkte idee (alleen of met een tweetal).

Opzet nieuwe leertraject

Behalve de twee 24-uurssessies (bij Frisse Blikken in Utrecht) hebben we twee korte bijeenkomsten, de eerste is de kick-off waar we afspraken maken en de energie opstarten. De afsluiting is de pitchsessie waar de resultaten worden gedeeld en het traject feestelijk wordt afgesloten. De fases hieronder zijn de fases zoals bij de Rabobank worden gebruikt bij innovatieprojecten. Het eigen idee wordt t/m pitch uitgevoerd. Allerlei technieken worden toegepast en deliverables worden opgeleverd. Zo vullen alle deelnemers bijvoorbeeld een businessmodel canvas in. Als ze dit al vaker hebben gedaan dan kunnen ze dat direct doen, als ze geen ervaring hebben dan kunnen ze aan een workshop deelnemen, een webinar erover bijwonen of vele voorbeelden bekijken. Tijdens het hele traject vonden er webinars plaats. In de leeromgeving werden niet alleen de video’s gedeeld van de sessies maar werd er ook samen geleerd. Tijdens de 24-uurssessies zijn externe en interne docenten ingeschakeld die facultatieve sessies verzorgden.

rabo_innovatiefunnel

Ervaringen

De deelnemers waren enthousiast over de opzet. Het was goed om naar een externe locatie te gaan. De kwaliteit van de innovatieve ideeën die tijdens de pitch werden gepresenteerd was opvallend hoog. Vergeleken met de voorgaande edities was het resultaat echt beter. Dat was duidelijk te merken aan de reacties van de juryleden. Inmiddels worden enkele ideeën al geïmplementeerd! De Rabobank heeft besloten dat dit ontwerp binnenkort weer wordt gebruikt, een nieuwe uitvoering start binnenkort.

Mijn ervaringen:

  • Het was goed om mensen zelf actief kennis te laten delen. Dit zorgde voor erg goede en inspirerende sessies. Als je het kunt uitleggen snap je het! Van de 19 mensen kozen 8 mensen een onderwerp waarvan ze juist geen kennis hadden. Deze opzet kost wel redelijk veel begeleiding. Zo had iemand gekozen om haar kennis te delen in de vorm van een webinar. Met deze vorm had ze nog geen ervaring en daarom hebben we een proefwebinar georganiseerd. Overigens was het een supergoed webinar!
  • De energie die tijdens de 24-uurssessie vrij kwam was enorm. Deelnemers wilde zelfs na 22.30 uur doorgaan. Per 24 uur werden kennisdeelsessies verzorgd, werd er veel samengewerkt en werden meestal 2 deliverables gemaakt.
  • Het eigen idee hoeft niet per sé gerealiseerd te worden. Als het deelnemers helpt om zoveel mogelijk te leren dan is het prima. Soms is de balans zoek. Het is soms moeilijk om van je idee af te zien. Toch is het goed om naar een pitch toe te werken.
  • Tijdens het traject waren er veel DIY Learning elementen. Op veel momenten hadden deelnemers de verantwoordelijkheid voor het proces. Wat me opviel was dat veel deelnemers aan alle facultatieve sessies deelnamen.
  • De (nieuwe) leeromgeving bood onvoldoende ondersteuning voor zo’n interactief learning design. Samenwerken (o.a. peer review) was niet goed mogelijk. We hebben wel een mooie blend aangeboden van F2F leeractiviteiten en online activiteiten, individueel en samenwerkend leren en we hebben allerlei online tools ingezet. Behalve de leeromgeving hebben we Google Docs gebruikt, MindMeister, Vimeo, Adobe Connect en YouTube.
  • We zijn tijdens het traject heel flexibel geweest. Raar genoeg kost dat juist veel aandacht en tijd. Het was ook voor ons ook spannend om vooral leeractiviteiten te ontwerpen en een belangrijk deel echt bij de deelnemers te leggen. Dit zorgt voor veel dynamiek en energie maar ook voor wat onzekerheid bij ons en bij deelnemers.

Bij de deelnemers sprak vooral het uitwerken van het eigen idee aan en het delen van de eigen expertise. Dat laatste scoorde zelfs een 8,8. Opmerkingen van deelnemers:

  • “De cursus Innoveren is energiegevend, gezellig en leerzaam. Het geeft je een boost aan inspiratie!”
  • “De Leergang Innoveren stimuleert je op een positieve manier met verandering om te gaan.”
  • Ik ben door de cursus uitgedaagd om kennis te delen en heb geleerd om zeer kernachtig een boodschap over te brengen.”
  • Innoveren is nu belangrijker dan ooit. Met deze training heb ik geleerd de weg te bewandelen om mijn innovatieve ideeen professioneel te ‘verpakken’ en te ‘pitchen’ met veel effect tot gevolg.”

 

Een van de deelnemers bood aan spontaan een ballonnenworkshop te verzorgen tijdens de 24-uurssessie.

Een van de deelnemers bood spontaan aan om een ballonnenworkshop te verzorgen tijdens de 24-uurssessie.

 

Noot: nog een reactie van een deelnemer via LinkedIn:

reactieTanjaLinkedIn

Tagged with:
Apr 25

Het thema Do-it-Yourself Learning / DIY Learning / zelfgeorganiseerd leren wordt volgens Hans de Zwart en mij steeds relevanter. Professionals leren steeds meer tijdens het werken en het ontwikkelen van uitgebreide curricula is steeds minder relevant en levert door traagheid steeds minder waarde voor een organisatie. We moeten het leren voor professionals op een andere manier ontwerpen en organiseren. Hans en ik geloven in de kracht van DIY Learning en de kracht van autonome lerende professionals.

_ls

 

DIY Learning: De Leersafari wordt geboren

Een paar jaar geleden verzorgden Hans en ik de eerste workshop rondom dit thema bij Learning 2012 van Elliott Masie in Orlando. Vorig jaar volgden workshops en expertsessies bij zowel Elliott Masie als het e-Learning Event in Nederland. De website die Hans en ik voor deze workshops hebben ingericht vind je hier: http://doityourselflearning.wordpress.com/

Nu werd het tijd om niet alleen te denken en praten over DIY Learning maar om te doen. Ank Dierckx, Hans de Zwart en ik besloten een leerervaring te ontwerpen voor een kleine groep e-Learning professionals tijdens het Next Learning Event 2014 op 16 april in ’s-Hertogenbosch. Gedurende een dag ging deze groep deelnemers op pad om op een alternatieve en actieve manier te leren tijdens het event. Geen alternatieve inhoud maar een DIY manier van leren. De Leersafari was een naam die paste bij deze ontdekkingstocht en reis.

 

De 5 DIY Learning principes toegepast op het ontwerp

Bij de Leersafari ontwerpen we niet de content maar ontwerpen we het leerproces. De vijf principes van DIY Learning hebben we in ons ontwerp toegepast:

  1. Devolve responsibility
  2. Be open
  3. Design experiences
  4. Provide scaffolding
  5. Stimulate reflection

5principes

Ad 1. [Devolve responsibility]

We hebben nadrukkelijk de verantwoordelijkheid bij de deelnemers gelegd. Zij maakten de keuzes wat en hoe ze dingen precies gingen doen en bij twijfel hebben ze in gesprek met ons besluiten genomen. De deelnemers gingen samen op pad, zonder reisleiders die continue bijsturen.

Ad 2. [Be open]

We hebben zoveel mogelijk leeractiviteiten ingepast waarbij contact met anderen werd gezocht. Resultaten van de opdrachten werden direct op de site Leersafari.nl geplaatst en alle materialen zijn gepubliceerd onder Creative Commons licentie. We hebben Willy de Jong (van Océ) gevraagd om het proces te bekijken en zijn mening hierover te geven.

Ad 3. [Design experiences]

We hebben in ervaringen gedacht. De opdrachten (13 stuks, zie http://www.leersafari.nl/safari-trips/) ondersteunde het leerproces en bevatten geen inhoud maar puur processtappen.  We kunnen dezelfde opdrachten en aanpak kopiëren en gebruiken bij een congres over medische apparatuur of wegenbouw.

Ad 4. [Provide scaffolding]

De naamkaartjes en opdrachten liggen klaar.

De naamkaartjes en opdrachten liggen klaar.

DIY Learning is niet hetzelfde als iedereen het zelf laten uitzoeken. Door de opdrachten wordt er richting gegeven aan  de ervaring en worden deelnemers ondersteund. Daarnaast bieden Hans en ik ondersteuning op het basecamp, we verzamelen en publiceren bijvoorbeeld de materialen die de deelnemers maken. Zij kunnen zich richten op het proces, we pakken de afleidende klussen op.

Ad 5. [Stimulate reflection]

In de opdrachten zat steevast reflectie ingebouwd. Bijna elke opdracht had een tastbaar resultaat aan het einde. Veelal in de vorm van een verslag, foto, video etc. voor op de website.  Aan het einde van de dag werd er onder begeleiding van de dagvoorzitter op het podium gereflecteerd op de Leersafari en na de dag hebben we deelnemers gevraagd om expliciet te reflecteren op de leerervaring en dit te delen in een blogpost. Gedurende de dag werd er spontaan op het basecamp de hele tijd met elkaar, met ons en met bezoekers gereflecteerd op het proces.

Is ontwerpen voor DIY Learning arbeidsintensief?

Dit valt reuze mee. En dit komt vooral omdat je een leerervaring ontwerpt en NIET de content. Het leerproces zet je op. Hoe hebben we het aangepakt?

  1. Onder het genot van een etentje hebben Ank Dierckx, Hans de Zwart en ik de contouren en de naam van de Leersafari bedacht.  Dit was ruim een half jaar voor het event.
  2. Een week voor het event hebben Hans de Zwart en ik nogmaals een etentje georganiseerd waarin we concreet de opdrachten hebben geformuleerd.
  3. In dezelfde week heb ik bij Xynta voor minder dan € 40 een hostingpakket besteld en binnen een paar uur had ik een WordPress blog geïnstalleerd en ingericht.
  4. De deelnemers heb ik aangeschreven en gevraagd een korte introductietekst te schrijven. Een paar uur ben ik bezig geweest om dit te verwerken op de site.
  5. Een dagdeel ben ik toen aan de slag gegaan om de laatste puntjes op de i te zetten. Ik heb opdrachten geplastificeerd, naamkaartjes gemaakt en de site bijgewerkt met alle informatie.

Conclusie

Vooraf waren zowel deelnemers als ikzelf enigszins gespannen. Op het moment dat je als ontwerper vrijheid geeft aan de lerenden om met jou de leerervaring vorm te geven weet je niet wat het proces je gaat brengen. Het is onvoorspelbaar. Met aandacht en passie hadden we het ontwerp gemaakt maar dan gebeurt het.

basecamp2

Het Leersafari basecamp

Al binnen een uur was ik totaal gerustgesteld en was de ervaring voor mij geslaagd. Vol verhalen om te delen kwamen de deelnemers terug naar het basecamp. Ze gaven aan wat ze hadden geleerd, vertelden dat ze hun eigen leerproces centraal durfden te stellen, dat het pittig en heftig was, dat het veel bracht en dat het echt een belevenis was. Voor iedereen was het een hele actieve en intensieve manier om te leren.

Deze manier van leren is niet voor iedereen geschikt. Sommigen hadden moeite tijdens de dag om alles te managen en 1 deelnemer besloot dat het even te heftig was, er kwamen teveel zaken samen. Gelukkig kun je ook of juist extra van een safari genieten als je jezelf de rust gunt om even alles los te laten. Ook dat is een leerpunt. Volgens mij heb je als deelnemer wel wat vaardigheden nodig maar vooral aandacht, durf, vertrouwen in jezelf en energie. De regie hebben en de hoge mate waarin je actief bent is een omschakeling.

Voor mij persoonlijk was het een bewijs dat professionals meer kunnen leren als de verantwoordelijkheid en de actie bij hen ligt. Het ontwerpen, faciliteren en het ondersteunen van het leerproces is een mooie rol. Als ontwerper ben ik meer en meer overtuigd van de nieuwe richting die we met e-Learning moeten inslaan. Weg van de passieve consumptie van zelfstudiemodules naar een actieve vorm van leren waarbij een echte leerbeleving ontstaat. Door het vertrouwen te geven aan de lerenden en de regie los te laten ontstaat een energie en een rendement dat ervan af spat. Dat is gaaf en genieten. Dat is leren waarin je iets beleeft, krachtig leren met een ziel!

Dank aan SBO voor het vertrouwen in dit experiment en in ons en voor de geweldige aankleding van het basecamp! Dank aan de moedige en enthousiaste deelnemers en speciale dank aan mede-ontwerpers Hans en Ank!

Reflecties van deelnemers en andere reisleiders vind je op de site Leersafari.nl.

Tagged with:
Mar 05

Veel e-Learning ontwerpers en ontwikkelaars gebruiken een strak model om het hele ontwerp- en ontwikkelproces te structureren. De moeder van alle Instructional Systems Design modellen (ISD) is ADDIE. De Florida State University heeft dit model al erg lang geleden bedacht en het model is nog steeds veel in gebruik. Toch kent het model veel nadelen. De wereld en de eisen aan de kwaliteit en de snelheid van het ontwikkelproces zijn veranderd. In deze blogpost beschrijf ik een effectievere manier om e-Learning te ontwerpen en te ontwikkelen.

ADDIE als waterval model

ADDIE (zie ook Wikipedia) is een zogenaamd watervalmodel. Het originele model gaat uit van 5 fases die je na elkaar doorloopt. In de loop van de tijd zijn er vele varianten in gebruik geraakt die wat flexibeler zijn en wat iteratiever van aard.

_addie Het lastige aan een model als ADDIE ligt in de versnipperde aandacht van het team en het feit dat niet alle soorten experts bij elke fase betrokken zijn. Dit heeft tot gevolg dat het ontwikkelproces lang duurt, en meer tijd kost. Als ik kijk hoe we dit bij Stoas Learning deden (heet nu Up learning) dan was ADDIE vaak nog het model dat leidend was. En de fases werden meestal achter elkaar doorlopen. Dit had een paar effecten:

  • Sommige e-Learning professionals zoals grafisch vormgevers werden pas in latere fases betrokken. Dit zorgt voor een lagere kwaliteit van het eindproduct en je respecteert dan niet de expertise van deze mensen. Dit is niet bevorderlijk voor de motivatie.
  • Professionals zijn bezig met kleine onderdelen van het resultaat en missen daardoor het overzicht en de betrokkenheid. Je hebt minder kennis en gevoel voor het product.
  • Doordat je het ontwikkelteam ver van de ‘echte klant’ afstaat krijg je vlugger een abstractie van de werkelijkheid. Dit zorgt voor minder aansprekende e-Learning: het gaat van inhoudsdeskundige naar eindresultaat over teveel schijven en verliest zijn ziel en glans.
  • Pas aan het einde van het ontwikkeltraject werd er echt getest met de doelgroep (en soms gebeurde dit pas na oplevering).
  • Fouten die in de ene fase werden gemaakt (of misconcepties, verkeerde aannames, etc.) werden in een latere fase ontdekt en dan kostte het vaak veel werk en geld om de fout weer te herstellen. Er moet soms veel werk over worden gedaan.
  • Door het watervalmodel moest je op elkaar wachten en dat kost tijd. De doorlooptijd was groot.

Nieuwe aanpak nodig

Een nieuwe aanpak is nodig om de snelheid te verhogen, de kosten te beperken en de kwaliteit te verhogen. Ik zie in de offertetrajecten (voor het maken van e-Learning content) die ik bij organisaties begeleid dat e-Learningbedrijven soms twee productieprocessen aanbieden waarvan het eerste het traditionele ADDIE methodiek volgt en de tweede een iteratief, kort en agile proces voorstaat. Er is duidelijk een verschil in de twee varianten die ze offreren; de tweede agile variant heeft een kortere doorlooptijd, een lagere investering in tijd en een lagere prijs. De resultaten zijn minimaal zo goed.

Ook ben ik zelf steeds meer betrokken bij ontwerp- en ontwikkelprocessen waarbij wordt gezocht naar een effectievere ontwerp- en ontwikkelmethodiek. Om me hierin beter onderbouwd te bewegen volg ik binnenkort een training om Scrum master te worden. Scrum is niet helemaal hetzelfde als agile maar wel een bruikbare vorm denk ik. Het is vooral in softwareontwikkeling een veelgebruikte methodiek. Voor een uitgebreide uitleg over Scrum kun je de prima ‘Scrum Reference Card‘ bekijken van Michael James.

Leaving ADDIE for SAM

Een boek dat ik iedereen die het ADDIE model wil heroverwegen en die zoekt naar een goed alternatief kan aanraden is ‘Leaving ADDIE for Addie for SamSAM, An Agile Model for Developing the Best Learning Experiences‘. Hierin beschrijft Michael Allen welke werkbare alternatieven er zijn. De titel geeft al aan dat het gaat over het ontwikkelen van leerervaringen en Allen laat in de introductie niet alleen zien dat een nieuwe manier van ontwikkelen gewenst is maar dat we ook meer kunnen en moeten opleveren dan de pure e-Learning content die we nu vaak opleveren.

In de eerste hoofdstukken schetst hij een waardevol beeld van wat e-Learning zou kunnen zijn. Door de focus op e-Learning onderscheidt het model van Allen zich van de algemenere en meer op de softwarebranche gerichte methodieken als Scrum. Het model SAM dat door Michael Allen wordt voorgesteld is er in twee varianten en  staat voor “Successive Approximation Model”. Hierin ga je heel iteratief te werk en werk je met de echte gebruikers vanaf het begin samen. Je zit dicht bij de praktijk van de gebruikers en probeert in elke fase veel uit met prototyping.

Dit steeds proberen en direct bijsturen past beter bij de complexe werkelijkheid waarmee we te maken hebben. In het Cynefin framework (zie Wikipedia) zie je dat je in een complexe situatie niet goed kan uitgaan van resultaten uit het verleden en dat 3 zaken belangrijk zijn:

  1. Probe
  2. Sense
  3. Respond

Het SAM model van Michael Allen ziet er schematisch zo uit:

_samproces

Een registratie van een webinar van een uur over SAM kun je hier bekijken.

Design Thinking for Educators

Ik zie een aantal ontwikkelingen ontstaan die allemaal hetzelfde proces beter en iteratiever proberen te maken. Een andere methodiek waar ik met plezier mee werk is Design Thinking. Dit is een methodiek afkomstig van het vooraanstaande ontwerp- en innovatiebureau IDEO. Ook in deze methodiek wordt er gedacht vanuit de gebruiker/lerende en vindt er veel iteratie plaats. Het gave is dat ze de methodiek van Design Thinking, die vooral in product- en diensteninnovatie wordt gebruikt, hebben toegepast op het onderwijs.

Voor het Amerikaanse basisonderwijs hebben ze erg veel gedaan en stellen ze de zeer praktische en uitgebreide ‘Design Thinking for Educators Toolkit’ beschikbaar. Via deze pagina vind je meer informatie. Er lijkt nu een technisch probleem te zijn met de pagina van het project, daarom bij deze de DesignThinkingForEducatorsToolkit (.zip van 5,4 MB) met daarin een pdf met de Design Thinking Toolkit, een Designers workbook en een leeg Designers workbook.

Visualisatie van het proces volgens de Design Thinking for Educators methodiek van IDEO:

 

_DTfE

Tagged with:
Jan 16

Michiel Louweret is een vooruitstrevend trainer en adviseur van louweret & partners bv die voor mijn gevoel een vernieuwende aanpak heeft waarbij sociaal leren een belangrijke rol heeft. Ik ben bij de Gemeente ‘s-Hertogenbosch gaan praten met Frieke Hazendonk (werkzaam bij de Gemeente) en Michiel Louweret. In de video vertellen Frieke en Michiel hoe de gemeente bewust heeft gekozen voor een andere benadering van leren. Bij de gemeente ’s-Hertogenbosch zijn ICT-professionals zelf verantwoordelijk voor hun ontwikkeling en dit concept is gebaseerd op social learning.

Ik stel de volgende vragen:

  1. Met wie zit ik hier aan tafel?
  2. Hoe ziet het professionaliseringstraject van de Gemeente ‘s-Hertogenbosch eruit?
  3. Wat was de inhoud, wat moest er geleerd worden?
  4. Welke activiteiten zitten er in het leertraject?
  5. Hoe slaat het sociale leren aan? Wat zijn de voordelen of hebben mensen er moeite mee?
  6. Hoe hebben jullie de groep lerenden samengesteld?
  7. Jullie leggen veel verantwoordelijkheid bij lerenden. Past dit bij een specifieke lerende, cursusinhoud of organisatie?
  8. Wat heeft het de Gemeente ‘s-Hertogenbosch opgebracht en zou je weer voor zo’n spannend concept kiezen?
  9. Hebben jullie nog een laatste tip voor andere organisaties?

Tagged with:
Dec 08

Finland komt in internationale onderzoeken erg goed uit de bus als het gaat om het niveau en de resultaten van het onderwijs. Tijdens het Nationaal Hoger Onderwijs Congres op 26 en 27 november 2013 sprak Pasi Sahlberg het publiek toe middels een video over het Finse onderwijs. Aan mij de eer om een dag eerder uitgebreid Pasi Sahlberg via een webinar een paar vragen te stellen (dit verklaart ook de matige videokwaliteit).

_finnishPasi Sahlberg heeft wereldwijd expertise opgebouwd op het gebied van onderwijsvernieuwing, schoolverbetering, de opleiding van leraren en leiders en het adviseren van beleidmakers en overheden. Hij heeft zojuist een boek uitgebracht met de titel “Finnish Lessons: What Can the World Learn from Educational Change in Finland?“. Te verkijgen via o.a. Amazon.com.

Sahlberg introduceert in het eerste deel van de video het Finse systeem en geeft aan waarom de resultaten bereikt worden dankzij deze manier. Een prachtige term die hij gebruikt is ‘Collective autonomy’ voor docenten waarmee hij aangeeft dat er minder regeldruk van boven is in het Finse onderwijsbestel en dat de docenten autonoom zijn in hun (didactisch) handelen maar dit niet alleen doen en dat er heel veel wordt samengewerkt met collega’s. Op vele verschillende manieren wordt er kennis en ervaring gedeeld.

In het tweede deel stel ik Pasi drie vragen die hij uitgebreid beantwoordt:

  1. The task of the educational system is to educate today’s youth for a society and also for occupational groups, of which we only know the framework. Even 21st Century skills are at this moment only a difficult to define thought. In what way could teacher’s and schools of today anticipate on those ideas effectively?
  2. We educate teachers for the Europe of 1975. On many work fields students are far ahead of the teachers, which undermines the authority and the impact of the teachers. What is your idea of Teacher Training in 2015?
  3. People everywhere talk about the fact that schools and the educational system must be a structurally learning environment. We tell each other that all teachers practice what they preach: life long learning. That is often not true. How do we structurally change that for the better?

Ik wil Pasi bedanken voor het delen van deze waardevolle inzichten! Ben je erbij geweest of ken je zijn ideeën dan ben ik benieuwd naar je mening hierover, je reactie is van harte welkom!

Tagged with:
Dec 02

_olpcVele jaren geleden kwam de organisatie OLPC (staat voor One Laptop Per Child) met een laptop die specifiek was ontwikkeld om arme kinderen sterker te maken. Dit deden ze door educatie met behulp van deze laptop aan te bieden. De zogenaamde ’100 dollar’ laptop heeft een kenmerkende groene vormgeving. Zelf heb ik destijds via Amazon een exemplaar gekocht waarbij je voor 2 laptops betaalde: één was voor jou, de tweede was voor een kind. Er zaten unieke functionaliteiten in: zo was de laptop spatwaterdicht, had het twee antennes waarmee je een netwerk kon opzetten tussen laptops, was het eenvoudig om content te delen (je zag direct de laptops in de nabijheid), kon je het scherm draaien, was het scherm ook te veranderen in een scherm van een e-reader waardoor je het in de zon kon lezen, stond er allemaal open eductional content op, kon je video en audio gebruiken, kon je met zonne-energie de laptop opladen, etc.

Van $100 laptop naar XO tablet

_xoSinds een half jaar is er nu een opvolger van deze oer educatieve laptop: de XO tablet. De tagline die hoort bij de XO tablet is prachtig: “Explore your dreams. Change the world”. Ook dit nieuwe XO product is o.a. via Amazon te koop. Ze verschepen de tablet alleen niet naar Nederland dus toen ik een maand geleden in Orlando was voor het congres Learning 2013 heb ik de tablet bij mijn hotel laten bezorgen. Bij de XO tablet kun je wel 1 exemplaar bestellen. Wat krijg je voor $ 119 in handen?

Je krijgt in handen een 7-inch Android tablet met:

  • een schermresolutie van 1024 x 600 pixels;
  • een 1.6 GHz processor;
  • 1 GB RAM;
  • 8 GB harddrive (middels een kaartje kun je uitbreiden);
  • met 2 MP camera;
  • van het merk Vivitar;
  • met veel voorgeïnstalleerde apps in Engels en Spaans;
  • een gifgroene beschermhoes;
  • de mogelijkheid om een profiel per kind aan te maken.

Je kunt ook Nederlands als taal instellen, dit geldt dan natuurlijk voor de interface en niet voor de al geïnstalleerde apps. Je kunt apps aanpassen door verbinding te maken met de Google Playstore en zo de tablet inrichten zoals je zelf wil.

Interessant?

Het is een mooi apparaat met vele mogelijkheden om precies de behoeften van een kind af te stemmen op de apps en functionaliteit die dat kind aankan. Het formaat vind ik erg prettig en het scherm en bouwkwaliteit is ook goed is mijn eerste indruk. De insteek in de interface om vanuit dromen te denken vind ik een hele mooie. Daarbij is er steeds een driedeling gemaakt in niveau. De kwaliteit van de standaard aanwezige apps is wisselend maar je kunt ze prima aanpassen/aanvullen of verwijderen. De taal van de interface is eenvoudig te wijzigen in Nederlands. Voor Engelstalige en Spaanstalige kinderen is dit een geweldige educatieve tablet. Voor anderstaligen (waar dan ook ter wereld) zou het handiger zijn om niet alle apps direct te zien. Je kunt per kind een profiel aanmaken dus je kunt het prima met meerdere klasgenoten of gezinsleden gebruiken. De groene rubberen beschermhoes met ring om vast te houden lijkt een handige en goede bescherming.

Als Sinterklaas dit nieuwe apparaat aan de juiste kinderen geeft dan komt er nog een review vanuit een 3- en 7-jarige. Kijken of de Nederlandse dromen kunnen worden waargemaakt!

Uitpakvideo

Voor meer informatie kun je op de site van XO tablet verschillende video’s en verdere achtergrondartikelen vinden.

Tagged with:
Nov 24

_LearningHet congres Learning 2013 is al weer een paar weken afgerond. Nu zijn er veel foto’s, video’s en andere bronnen beschikbaar.

Mijn foto’s

Zelf heb ik zowel foto’s als video’s gemaakt. De foto’s zie je hieronder als Flickr slideshow en op deze Flickr pagina vind je de hele set aanklikbaar en deze link brengt je direct naar de slideshow op Flickr. Alles is gepubliceerd onder Creative Commons licentie dus te gebruiken.

Foto’s die gemaakt zijn door de fotograaf van Learning 2013 vind je op de Smugmug pagina. Ook zijn de grafische notulen van de plenaire sessies beschikbaar via de Learning 2013 site en Smugmug. Een Twitteranalyse vind je hier. Video’s vanuit Masie volgen nog.

Gesprek met Elliott Masie

Mijn voormalig collega Rens van Wingerden stelde na afloop van Learning 2013 een paar vragen aan Elliott Masie.

Tagged with:
Nov 10

Op Learning 2013 heb ik weer eens genoten van het fenomeen Pecha Kucha. De eerste keer dat ik kennismaakte met deze manier van presenteren was bij Learning 2008. Ik denk dat deze compacte vorm van presenteren zeker een waardevolle plaats kan krijgen binnen veel organisaties. De serie waar ik nu in zat was over Learning Outside of Work.

_PKoverzicht

Wat is een Pecha Kucha?

Dit is heel simpel: 20 slides die elk 20 seconden duren. Je stelt binnen je presentatieprogramma/omgeving de tijd automatisch in zodat na 20 seconden de volgende slide zichtbaar wordt. Na 6 minuten en 40 seconden is de presentatie afgelopen. De eerste Pecha Kucha nacht werd in februari 2003 georganiseerd door Astrid Klein en Mark Dytham van een architectenbureau in Tokyo. Wikipedia gaat verder in op deze vorm van presenteren. In Nederland hebben we vergelijkbare concepten zoals de TeachMeet en Ignite). De gemene deler vormt de duur, afwisseling en kracht.

_PK

Waarom krachtig?

Zelf vind ik de voorbereiding om een Pecha Kucha te maken moeilijker en tijdrovender dan een ‘gewone’ presentatie van een uur. Dit ligt aan een paar dingen:

  • Elke boodschap moet in 20 seconden worden verteld. Dit betekent dat je snel en visueel moet zijn. Tekst kan hoogstens in enkele woorden worden gebruikt. Kijkers kunnen niet de tekst lezen én naar je verhaal luisteren.
  • Je vertelt je verhaal met beelden. Het zoeken van die beelden kost vaak tijd omdat het ook een passend geheel moet vormen.
  • In totaal heb je maar 6 minuten en 40 seconden tot je beschikking. In een gewone presentatie heb je ruimte om verschillende voorbeelden te geven, om uit te weiden en om details te vertellen. Het is moeilijker om alle overbodige informatie eruit te halen.

Het feit dat je alle overbodige informatie moet strippen en enkel de kern van je boodschap vertelt, is ook direct het hele sterke punt van de Pecha Kucha sessies. Voordeel is ook dat een ontzettende saaie presentatie nooit langer duurt dan 6 minuten en 40 seconden. Dat is nog te overzien.

Hoe toepassen?

Nadat we 4 Pecha Kuchas hadden gehad hebben we doorgepraat over de waarde maar ook de toepassing van deze vorm van presenteren. In het leuke gesprek kwamen onder andere de volgende ideeën naar voren:

  • Een verslag van Learning 2013 middels een Pecha Kucha. Dit geeft een kort en krachtig overzicht van de hoogtepunten.
  • Een Pecha Kucha van verschillende afdelingen voor nieuwe medewerkers.
  • Je kunt dit inzetten om projectvoortgang te delen. Sneller dan een uigebreide vergadering en beter te gebruiken dan een uitgebreid verslag op papier.
  • Een Pecha Kucha kan ook worden gemaakt door lerenden die zo laten zien dat ze bepaalde kennis hebben verwerkt.

Een prachtige Pecha Kucha werd gegeven over vriendschappen in je leven. Dit verhaal met mooie titel ‘Life 101′ (cursus 101 is in de US altijd een basiscursus. ‘Life for dummies’ was een alternatieve titel geweest) zal me heel lang bijblijven!

pklife101

Tagged with:
Nov 06

Agile ontwikkelen van e-Learning

De laatste ochtend heb ik bij een sessie gezeten van Bob Mosher en Conrad Gottfredson van Ontuitive. De sessie had als titel ‘Transforming ADDIE into AGILE Instructional Design’.

Ten eerste vragen ze Bon en Con naar de diploma’s die iedereen heeft in instructional design. Volgens hen is vooral de RWE degree belangrijk: Real World Experience. Bob en Conrad zitten in de hoek van performance support maar de sessie gaat verder. De reden waarom we volgens hen moeten kijken naar het ontwikkelproces is niet omdat we met een traditionele ADDIE ontwikkelprocessen:

  • niet de snelheid van de business kunnen bijhouden;
  • we niet leveren wat we nodig hebben (te star proces).

Met een AGILE benadering krijgen we:

  • een iteratief proces;
  • waar continu wordt bijgestuurd;
  • een intensief proces met gebruikers/klanten;
  • met meer praktijkgerichte resultaten.

_ps

Ze hadden een goed verhaal met praktische voorbeelden over hoe bijvoorbeeld een LEaP=plan te maken: een Learning Experience and Performance plan. De focus ligt op de competenties van de medewerkers waarbij allerlei instrumenten besproken worden om te achterhalen wat een professional nodig heeft. Een mooi instrument vond ik Impact of failure waarbij een Critical skills analyse werd uitgevoerd. Dit zorgt ervoor dat je tot de kern van het businessprobleem doordringt en geen onnodige dingen traint.

Leren en werken dichter naar elkaar toe

_LDe link tussen leren en werken wordt in heel veel sessies gelegd. Zo ook in de sluitingssessie. Masie voert een gesprek met o.a. John Leutner van Xerox. De boodschap van Leutner is helder:

“We zijn niet meer in staat om voldoende trainingen te verzorgen om mensen hun snel veranderende werk goed te laten doen. We krijgen het niet meer georganiseerd en daarom zullen we leren en werken dichter naar elkaar moeten brengen en een leercultuur moeten bestendigen.”

Ook gaf hij aan dat we van instructional design specialisten naar performance support specialisten moeten gaan.

De trend is helder. Door alle sessies heen. Over een aantal dagen reorganiseer ik alle informatie, en doe ik een poging om het geleerde te interpreteren en conclusies te trekken. Het was weer een mooie, inspirerende ervaring.

Tagged with:
Nov 06

DIY (Do It Yourself) Learning Design for Onboarding: Engaging, Effective & Cheap!

bord.jpgDit jaar mocht ik weer een sessie verzorgen en ook deze keer vroegen ze of ik het over zelfgeorganiseerd leren wilde hebben. Als didactische werkvorm koos ik voor een ‘60 Minute Design session’ (zie hieronder). Een hele uitdaging want als je veel uit handen geeft in een sessie dan is het ook onzeker wat de uitkomst gaat worden maar dat is het hele idee van DIY Learning.

De opdracht was dat ze werken op Learning Department van Disney en ze moeten een onboarding ontwerp maken (inwerktraject nieuwe medewerkers) waarbij DIY Learning principes als uitgangspunt dienen.

onboarding

De principes van DIY Learning heb ik vorig jaar uitgewerkt met Hans de Zwart en via een website gedeeld.

De 5 principes op een rijtje:

5principles

 

Het valt op dat de deelnemers vooral kansen zien. Ze gaan hard aan het werk en komen met didactisch rijke ideeën en denken daarbij vrij. Wat ook opvalt is dat er verschillende mensen achteraf je komen bedanken en aangeven dat ze de sessie goed vonden. En dan ook precies omschrijven waarom ze dit vonden. Fijn om zo directe feedback te krijgen!

Design van activiteiten Learning 2013

Ik had een zogenaamde “60 Minute Design” sessie. Er waren veel verschillende formats die gekozen konden worden. Van te voren moest ik een lesplan indienen en ik mocht maximaal 5 slides gebruiken. Ook die slides werden gereviewd.

60min

Dit duidelijke format biedt de deelnemer houvast om uit de vele honderden sessies te kiezen. Het maakt de conferentie afwisselend en van een zekere constante kwaliteit. Wel heb ik bij sessies gezeten die zich niet aan het format hielden en dat doet afbreuk. Zeker Amerikanen krijgen graag wat ze verwachten en in veel sessies lopen mensen weg als het niet voldoet aan hun verwachtingen.

e-Learning 18 jaar: eindelijk volwassen?

masieMasie haalt terug hoe de begindagen van e-Learning eruit zag. de term e-Learning kwam op rond 1996 en was toen vooral gebaseerd op ideeën van Skinner. Je zag een stuk tekst, kreeg een vraag en je kreeg feedback op je vraag. Als de vraag fout werd beantwoord dan kreeg je nogmaals de vraag. Het valt me op dat de visie van Masie wel een Amerikaanse visie en historie is.

In het begin waren er veel producten waar onderwijskundige en didactische expertise ontbrak. De stap van CBT (zie wikipedia) naar internet betekende dat veel barrières om te leren verdwenen.

Masie geeft aan dat we van de term e-Learning afmoeten omdat het te beperkend is. Hij heeft duidelijk een smalle definitie van e-Learning want hij geeft aan dat ook zaken zoals samenwerken en user generated content belangrijk zijn. Voor mij vallen die onder het begrip e-Learning. Voor mij is dit dan ook niet een reden om de term dan maar overboord te gooien. Je moet met betrokkenen (klanten, lerenden, designers, etc.) een discussie starten over wat goed leren is. Volgens Masie moeten we van de mechanische manier van e-Learning af en moeten we meer naar experience based learning toe. Daar kan ik me prima in vinden maar ik vind dit niet meer dan logisch en zeker niet innovatief.

Over de rol van experts en expertise zegt hij nog wat relevante dingen. Voor hem is het logisch dat we steeds kleinere leerinterventies krijgen en dat we bijvoorbeeld als we een product kopen, directe ondersteuning kunnen krijgen (al dan niet betaald en al vaak niet vanuit de leverancier of fabrikant). Ook zaken zoals een live coachingssessie van 1 minuut kan een grote relevantie hebben.

Tot slot noemt hij een paar belangrijke zaken en ontwikkelingen van dit moment:

  • We gaan naar minder ‘mechanische’ e-Learning.
  • Alternatieve manieren om competenties te erkennen buiten een vinkje in een LMS worden belangrijk. Voorbeeld hiervan vormen open badges en Tin Can API.
  • Er komt een ‘expertise architecture’ waarin we kennis direct kunnen aanboren, niet alleen via social media maar ook 1-op1 contact.
  • Big learning data geeft ons veel.

Learning boards bij Accenture

Bij de sessie van Accenture was het zo druk dat er 1 minuut voor de start een andere ruimte werd geregeld. Iedereen kon toen aanwezig zijn. Volgens het programma ging de sessie over gepersonaliseerd leren maar dat vond ik niet de juiste benaming. Het ging wel over een nieuwe vorm van leren. Accenture gaf eerst de reden aan om met een nieuw concept te komen: de business én de technologie verandert zo snel dat de traditionele manier van opleiden niet meer voldoet.

Ze hebben een concept ontwikkeld dat ze Learning Boards noemen. De technologie erachter is Drupal en de interface hebben ze zelf ontwikkeld. Een paar uitgangspunten voor deze ‘leeromgeving’:

  • Mensen leren op een formele manier maar de non-formele manier is zeker zo belangrijk.
  • Zowel interne als externe content moet samenkomen.
  • Werknemers zoeken bij een leervraag vaak buiten de deur omdat ze niet weten dat het binnen Accenture aanwezig is.
  • Zelf zoeken van content is te tijdrovend voor veel mensen.
  • Content moet snel en eenvoudig toegankelijk zijn: binnen 1 klik.

De Learning Boards:

  • bevatten content die door 10-15 curatoren verzameld is;
  • hebben curatoren die SME zijn (subject matter expert);
  • gecategoriseerd naar onderwerp
  • zijn clean en simpel;
  • bevatten veel externe bronnen;
  • zijn op vele apparaten te gebruiken;
  • hebben als voertaal Engels.

board

Accenture was nog niet heel lang bezig met dit project, er waren nu ongeveer 1.000 gebruikers van de potentiële 250.000 werknemers. Een belangrijke vraag waar ze nog nader mee experimenteren is de mate waarin het toevoegen van content open moet zijn. Nu zijn er curatoren die inhoudsdeskundige zijn en bepalen wat er wel en niet wordt toegevoegd. Het is duidelijk dat het niet de mensen van een learning department zijn maar misschien kunnen professionals ook content gaan toevoegen.

Met Star Trek en met muziek de dag uit

Aan het eind van de dag kwam George Takei nog aan het woord. Acteur van Star Trek maar misschien nog wel meer burgerrechten en homorechten-activist. Hij vertelde over zijn persoonlijke geschiedenis en over zaken als storytelling. Het ging ook nog over zijn manier van storytelling via social media. Een mooie man met een inhoudelijk verhaal. De relatie met leren en e-Learning was echter nauwelijks aanwezig.

De avond eindigde met een optreden van een aantal Broadway sterren. Aan de rij te zien van mensen die een handtekening wilden waren het echte sterren. Van mij mogen ze een swingende open badge krijgen!

broadway

Tagged with:
preload preload preload