Sep 20

Natuurlijk heb ik ook GIMP op mijn MacBook staan. Deze open source equivalent van PhotoShop biedt voor mij echter te veel functionaliteiten en vraagt teveel tijd om het goed te doorgronden. Als je op zoek bent naar een online editor waarmee je basishandelingen kunt uitvoeren met afbeeldingen dan is PicMonkey een prima alternatief. Beperkt maar krachtig.

PicMonkey is gemaakt door de ontwikkelaars van Picnik, een erg fijne editor. Deze editor is echter in 2010 gekocht door Google en is nu deels overgenomen in Google+. De site Picnik is dit jaar gesloten, zie voor uitleg hierover de site van Picnik. PicMonkey gebruik ik vooral veel als ik een aantal afbeeldingen verwerk in een leeromgeving of blogpost en ik wil ze een consistente look geven. Bijvoorbeeld wil ik dat alle afbeeldingen dezelfde afmetingen hebben en afgeronde hoeken met een schaduw. Dan is PicMonkey de snelste en eenvoudigste tool waarmee ik dit kan doen. Nu nog gratis te gebruiken maar het lijkt erop dat ze hetzelfde fremium model willen gaan invoeren dat Picnik ook had: een grote set aan functionaliteiten kun je gratis gebruiken en voor een beperkt jaarlijks bedrag kun je een rijkere set aan functionaliteiten gebruiken.

In de screencast laat ik een paar van de mogelijkheden zien. Welke tools gebruik je vooral voor dit soort klusjes?

 

Tagged with:
Feb 13

Vanuit het e-Learning Event en de BVLT worden de komende maanden gratis webinars verzorgd rondom verschillende e-Learning thema’s. De webinars die al zijn uitgezonden kunt u ook nog bekijken. Op deze site kan iedereen zich kosteloos inschrijven. Samen met David Dekker van Stoas ben ik op donderdag 9 februari naar de studio in Delft gegaan om een webinar te verzorgen. In deze blogpost vertel ik iets meer over deze manier van broadcasting die weer heel anders is dan de webinaromgevingen zoals Adobe Connect en DimDim (zie voor dit soort tools mijn eerdere blogpost).

Wat werd hier gebruikt?

We waren te gast in de studio van het bedrijf MediaMission op het TU terrein in Delft. Ze werken nauw samen met de TU en verzorgen o.a. bij veel onderwijsinstellingen het opnemen van colleges. Ook tijdens het e-Learning Event verzorgt MediaMission weer de registratie. Ze gebruiken hierbij het systeem Mediasite. Hiermee worden sessie opgenomen maar het zorgt tevens voor het beheer van alle opnames. Het kan o.a. automatisch teksten in presentaties doorzoekbaar maken en het kan gekoppeld worden aan roostersystemen zodat veel metadata over een opgenomen lezing/presentatie/college al direct worden toegevoegd aan het beeldmateriaal.

Wat is anders dan een traditioneel webinarsysteem?

Bij omgevingen zoals Adobe Connect en Webex heb je echt een virtueel klaslokaal met veel interactiemogelijkheden. Als deelnemer kun je je hand opsteken, polls beantwoorden, chatten met anderen, scherm laten zien aan anderen, jezelf laten zien en horen met een webcam etc. Het is een omgeving waarmee je met veel mensen communiceert.

Bij deze omgeving gaat het echt om uitzenden, broadcasting. Dit is een relatie van 1 naar veel. Dit wordt erg professioneel aangepakt met 2 goede, op afstand te richten camera’s, een rijk toegeruste studio met goed licht, prima microfoons en een serieuze begeleiding door 2 mensen. We zonden live uit en hebben eerst proefgedraaid. Er kunnen een paar verschillende players worden gekozen en de stream is ook op allerlei apparaten zoals een smartphone en tablet te bekijken. Als kijker heb je de mogelijkheid om een vraag te stellen (je vult dan een formulier in). Ook kan er worden gewerkt met een poll waarbij je een meerkeuzevraag voorlegt aan de kijkers. Het nadeel is dat er tot 30 seconden vertraging zit tussen de klik en de presentatie van het resultaat. Om die reden heb ik ervoor gekozen om dit niet te gebruiken.

Ik vond het lastiger dan de webinar sessie die ik normaal gesproken veel verzorg. Je hebt weinig mogelijkheden tot interactie en kijkt in zwarte gaten van de camera’s. Ik werk normaal met webcams waardoor ik ook de deelnemers zie en dan is het als presentator gemakkelijker om je verhaal te houden.

Conclusie

Zowel het systeem als het bedrijf zorgde ervoor dat ik een hele positieve ervaring had. Er zijn veel enthousiaste reacties gekomen dus de gedegen voorbereiding vanuit MediaMission heeft blijkbaar zijn vruchten afgeworpen. Je zet deze manier van uitzenden in bij een grotere groep waarbij je echt professioneel wil overkomen en de interactie van minder belang is. Door de beperkte interactiemogelijkheden is het minder eenvoudig (didactisch gezien) om zo’n sessie te verzorgen. Het vergt meer van de presentator en de tijd die je een sessie kunt laten duren is ook beperkter. Het is aan te raden om een duopresentatie te houden, dat maakt het geheel een stuk dynamischer.

Zie hieronder de opgenomen sessie, het gaat er in dit webinar over om het rendement van e-Learning zo groot mogelijk te maken. Hierbij is de insteek van David en mij vooral een onderwijskundige. U kunt het schermvullend klikken.

Met veel dank voor de fantastische grafische vormgeving van collega Douwe Harder en de inhoudelijke opzet van Peter Meerman.

 

Tagged with:
May 18

Een mock-up maken (interactieve demo/prototype van je ontwerp) van een iPad of iPod/iPhone app kun je prima doen met online of offline tools op je PC. Een paar van die tools heb ik al eens eerder besproken. Nu bespreek ik een app op de iPad waarmee je een interactieve mock-up kunt maken voor je iPhone of iPad. Er is een aantal apps die dit doen, zo is er iMockups for iPad (zie iTunes) waarmee je zelfs mock-ups van websites kunt maken en Blueprint (zie iTunes). Die laatste app gebruik ik.

Voor het ontwerp van een gewone website gebruik ik liever de online mock-up tools zoals MockFlow omdat het werken met de muis veel preciezer is en omdat het dan eenvoudig is om het ontwerp te delen. Tevens waardeer ik de schermruimte die ik op mijn MacBook Pro heb. Toch wat meer dan op de iPad.

Wat kun je met Blueprint?

Je maakt schermpagina’s aan (keuze uit iPhone of iPad schermformaat, en keuze uit staand of liggend) en die vul je vervolgens met schermelementen zoals navigatiebalken, knoppen, en ook inhoud zoals afbeeldingen of teksten. Vervolgens kun je delen van een scherm actief maken en laten verwijzen naar een volgende pagina. Je kunt veel verschillende soorten acties aan een schermelement koppelen. Zo kun je bijvoorbeeld een knop laten verwijzen naar een volgende pagina. Ook kun je aangeven dat er bij bijvoorbeeld een swipe naar links een nieuwe pagina getoond moet worden. Op het moment dat je het ontwerp wilt testen, speel je het af op je iPad en als ik dan op de knop druk of swipe gaat de app naar een nieuw scherm. Zo simuleer ik de werking van een echte app.

Hoe ziet het eruit?

In bovenstaande schermafdruk is te zien dat ik een liggend iPad scherm heb gemaakt. Ik heb een navigatiebalk onderaan geplaatst en tekst en een afbeelding daarboven. Aan de rechterkant staan alle schermelementen (Controls) die ik in kan zetten. Elk schermelement kan ik nog tot in detail aanpassen (kleur, grootte, gedrag) en zelfs kan ik nieuwe afbeeldingen op knoppen zetten.

Hier is het overzicht te zien van de verschillende pagina’s met daarbij de verbindingen. Een bestaande pagina kun je eenvoudig dupliceren en de links worden daarbij meegenomen.

Hierboven is te zien dat je aan objecten acties (Actions) kunt verbinden. De mogelijkheden zijn erg uitgebreid waardoor de app erg natuurgetrouw afspeelt.

Tenslotte hierboven de zelfde pagina waarbij een object is geselecteerd en het paneel Proporties wordt gebruikt. Je kunt tot op detail elk object qua grafische opmaak aanpassen inclusief alphawaarde (doorzichtigheid).

Plus- en minpunten

Bij het maken van een mock-up tool voor een iPad app zijn de belangrijkste voordelen van een mock-up app op de iPad t.o.v. een mock-up tool op de PC of in je browser:

  1. Je kopieert  eenvoudig screenshots van je iPad naar de app. Dit vind ik soms wel handig omdat je dan niet een hele pagina hoeft te maken. Ik heb dit o.a. gebruikt toen ik in mijn mock-up een agenda nodig had. Die kun je zelf gaan samenstellen uit de voorgedefinieerde objecten of je maakt een screenshot van een standaard agenda en gebruikt die.
  2. Het is erg handig en prettig om direct het resultaat te bekijken op je echte iPad i.p.v. op een gesimuleerde iPad op je laptop. Hiermee krijg je een beter gevoel of een bepaalde volgorde van handelen of indeling op een pagina prettig is.

De pluspunten:

  • snelheid is goed;
  • leercurve is betrekkelijk kort;
  • het tonen van resultaat (inclusief swipe bewegingen en effecten) werkt erg prettig en bootst de echte app goed na;
  • erg veel instelmogelijkheden, vooral grafisch;
  • kunt in grafische lagen werken en deze goed ordenen;
  • plaatsen objecten gaat goed door magnetische hulplijnen;
  • validatieregels voorkomen dat een knop op een plek komt waar dit onmogelijk is in een echte app;
  • dupliceren van een pagina werkt perfect;
  • lite versie is voldoende uitgebreid om een goede indruk te krijgen;
  • export naar PDF werkt goed, gratis viewer is fijn om ontwerp te delen met collega’s en klanten.

De minpunten:

  • door aanraakmethodiek is het moeilijk om objecten precies goed te positioneren, hier mis je het precieze van een muis;
  • een export naar klikbare demo die op web te delen is zou erg welkom zijn. Nu is het lastig met viewer of statische pdf;
  • samenwerking met Dropbox zou handig zijn;
  • er is geen helpfunctie en de uitlegfilmpjes op de site zijn maar matig van kwaliteit;
  • afbeeldingen die je plaatst zijn niet te roteren en alleen met grote stappen te schalen (25%, 50%, 75% etc.) of handmatig maar dat is niet handig met je vinger. Ook bijsnijden gaat niet.

Eindoordeel

Blueprint is een erg bruikbare en krachtige mock-up tool die ik graag gebruik. Natuurlijk zijn er nog wensen maar het doet wat het belooft te doen op een snelle, prettige manier. De mogelijkheden zijn erg uitgebreid terwijl de bediening niet erg complex is. De app is zijn geld voor mij zeker waard (momenteel kost de app 11,99 euro).

 

 

Tagged with:
Jan 02

Opleiding & Ontwikkeling is het vakblad voor HRD-professionals. In het decembernummer is een artikel van mij geplaatst over Moodle. Dit is een introductieartikel en voor iedereen die overweegt om de open source leeromgeving Moodle in te zetten wellicht interessant om te lezen.

De titel is ‘Hoe smaakt Moodle?‘ en in het artikel wordt ingegaan op de vraag wat Moodle is en wat Moodle kan betekenen voor u en uw organisatie. Er worden praktische voorbeelden en een aantal implementatietips gegeven. Er wordt duidelijk besproken wat de kenmerken zijn van open source software en de didactische mogelijkheden komen aan bod.

Download het artikel ‘Hoe smaakt Moodle?’ (PDF, 283 KB), reacties zijn altijd welkom!

Update: Op Moodlefacts.nl is een blogpost over dit artikel verschenen.

Tagged with:
Jul 11

Op sommige momenten is het goed om terug te kijken. Vandaag heb ik mijn 10.000ste  twitterbericht geschreven en is het tijd om de waarde die Twitter heeft voor mij te duiden. Zowel op persoonlijk als professioneel vlak. Ook de positie die Twitter inneemt in de e-Learning wereld belicht ik.

Hoe gebruik ik twitter?

Ruim twee jaar geleden ben ik gestart met Twitter. Ik had Erwin Blom (@erwblo) uitgenodigd om bij Stoas te komen vertellen over social media. Hoewel ik sceptisch was heeft Erwin me door zijn praktische, authentieke en prikkelende verhaal overtuigd om het ook eens te proberen. Ik merkte direct dat je Twitter moeilijk uit kunt leggen (hoewel CommonCraft een goede poging waagt). De dynamiek en waarde wordt pas duidelijk als je een tijdje bezig bent en flink wat mensen volgt en gevolgd wordt. Momenteel volg ik zelf 622 mensen en 836 mensen volgen mij. Natuurlijk lees ik niet alle berichten van deze mensen maar pik er af en toe wat dingen uit. Alle reacties lees ik wel en ook alle DM’s (persoonlijke berichten die niet openbaar zijn).

Ik gebruik Twitter vooral via het programma Echofon. Een simpele maar handige manier om berichten te versturen en te lezen. Echofon heeft een prima iPhone app en een fijne add-on voor FireFox. De iPhone app heeft pushberichten dus als iemand mij een antwoord stuurt of een persoonlijk bericht dan hoor ik een signaal. Voordat ik mijn iPhone had maakte ik veel minder gebruik van Twitter omdat je dan aan je computer bent gebonden en het bijna-synchrone karakter vraagt om snelle reacties.

Als ik kijk naar onderstaande grafiek (dank aan de site TweetStats) dan zie ik dat het weekend iets minder Twitteractiviteit laat zien, de maandag scoort het hoogste. Dit is de dag dat ik (officieel) niet aan het werk ben.

Als ik kijk naar de momenten waarop ik Twitter dan ligt de nadruk op de avond. Dit is het moment dat ik vaak wat vakliteratuur lees of me online wat aan het verdiepen ben. Tijdens de ‘officiële’ werkuren ben ik wat minder actief.

Verder gebruik ik nog een paar applicaties en diensten die een relatie hebben met Twitter. Zo gebruik ik TweetDeck als ik bij congressen zit om specifieke aanwezigen eenvoudig te volgen en om alle tweets van dat congres te verzamelen. Als ik onderweg foto’s maak die ik wil integreren in mijn tweets dan gebruik ik Mobypicture. Je maakt een foto, typt een bericht en dit resulteert in zowel de upload naar de Mobypicture pagina als een tweet met de link hiernaar toe. Als ik muziek afspeel bij Blip.fm kan ik ook dat nummer rondtwitteren.

Persoonlijk of professioneel?

Bij de mensen die ik volg zitten puur zakelijke contacten die ervoor kiezen om alleen over hun vakgebied te twitteren en er zitten mensen bij die ook of vooral over persoonlijke zaken berichten. Ik vind het interessant om de mens achter de professional te zien. De meeste mensen die ik volg hebben te maken met onderwijs, e-Learning of nieuwe media. Daar ligt ook mijn primaire doel. Hoewel ik ook over persoonlijke dingen af en toe twitter, vind ik het prettiger en relevanter om over e-Learning, nieuwe media of fotograferen te twitteren. Als iets me teveel persoonlijk raakt of bezighoudt dan deel ik dit niet via twitter. Daar is het te massaal voor.

Wat win ik ermee?

Dit is de hamvraag. Wat win ik met Twitter?

  • Met Twitter ben ik in staat om mijn vakgebied goed bij te houden. Samen met mijn RSS-feeds van edublogs en tijdschriften en boeken vormt twitter een manier om dit effectief te doen. Twitter begint hierin steeds belangrijker te worden.
  • Met Twitter en met mijn blog ben ik zichtbaar  voor de markt. De meeste commerciële opdrachten krijg ik tot mijn verrassing via of dankzij deze twee kanalen.
  • Met behulp van Twitter bouw ik een ander netwerk op dan via de niet-digitale manieren. Het contact kan snel persoonlijk worden en het is een eenvoudige manier om contacten te onderhouden. Vaak resulteert een zakelijke Twittercommunicatie in fysieke afspraken of converseer je verder middels de telefoon.
  • Twitter (en met name directe, niet openbare berichten) hebben voor een deel mijn e-mail verkeer vervangen. Sneller, bondiger en handig.
  • De 140 karakters dwingen je om na te denken over de kern van een boodschap. Het is een uitdaging om een blogpost, website of artikel in 140 karakters te typeren.

Wat ik het meest waardevol vind is de bereidheid van anderen om je te helpen. Dit doet me denken aan de mensen die je in 1995 op het web tegenkwam. Een paar voorbeelden:

  • Contract
    Toen ik eens meldde dat ik twijfelde over de juridische status van een contract dat ik kreeg voorgelegd, reageerde een Tweep (iemand die twittert) en bood aan om door haar partner het contract te laten nakijken. Dit zorgde ervoor dat ik met haar aanwijzingen tot een beter contract kon komen.
  • Fotograferen
    Nog niet zolang geleden ben ik met passie begonnen aan het fotograferen. Via Twitter kreeg ik vele waardevolle adviezen (op maat!) over het kopen van een camera en een tijd later voor het kopen van een goede lens. Gerichte vragen werden snel beantwoord door experts op dit gebied.
  • Grafisch vormgevers nodig
    Voor een klant zocht ik grafisch vormgevers die aan een e-Learning module konden werken. Niet alleen kreeg ik een reactie van ZZP’ers die interesse hadden maar zeker zoveel mensen kwamen met een naam uit hun netwerk waar ze positieve ervaringen mee hadden.
  • Vraag om online enquêtetool
    Voor SeniorWeb zocht ik een goede online tool om enquêtes af te nemen. Op zaterdagochtend had ik (rond 7.30 uur) een vraag gesteld. Binnen een uur had ik zeker 5-7 bruikbare tools van de mensen uit mijn netwerk.

Bovenstaande vragen had ik natuurlijk ook via Google kunnen oplossen. Het verschil tussen Google en Twitter zit hem in 2 dingen: (1) Twitter bestaat uit mensen die ik ken en vertrouw. (2) Twitter praat terug en geeft context. Als ik op “Online enquêtetool” had gezocht met een zoekmachine had ik veel treffers gevonden. Met Twitter kreeg ik maar een paar treffers maar ik kon wel vragen aan de mensen waarom ze een tool waardeerden. En ze kende mijn situatie, ze snapte de context van mijn vraag. Zelf help ik ook regelmatig mensen verder en wordt het contact vervolgd per telefoon of met een fysieke bijeenkomst.

Verandert Twitter het leren?

Twitter heeft voor mij absoluut het leren verandert. Voor vele andere, frequente gebruikers, ook. In 2008 publiceerde ik in het blad Develop een artikel over de invloed van technologie op het leren (download de PDF). Mijn stelling was dat technologie vooral het informele leren sterk beïnvloedt. Hierin speelt Twitter een grote rol. De snelheid, het gemak en het bereik maken dat communicatie en het informele leren echt verandert. Tools als Twitter slagen erin om grenzen van organisaties te slechten. Je deelt informatie met andere professionals en dit gaat verder dan de professionals in je naaste fysieke werkomgeving. Dit zorgt voor bredere inzichten.

Twitter in het bedrijfleven?

Je kunt Twitter (of beter gezegd Microbloggen) volgens mij op 3 manieren inzetten:

  1. Met een bedrijftwitteraccount
    Moeilijk om een algemeen organisatie-account van goede kwaliteit te laten zijn. Zo’n bedrijfsaccount heeft vaak een erg lage frequentie van posten. Vaak is het account anoniem (je kent alleen de bedrijfsnaam) en is er veel sprake van eenrichtingsverkeer. Een bedrijf schrijft berichten. Soms volgen ze zelfs niemand of worden persberichten automatisch geplaatst op Twitter.
  2. Met individuele accounts van professionals
    De werknemers Twitteren op persoonlijke titel met de nadruk op hun professionele activiteiten. Dit zorgt voor authentieke, persoonlijke berichtgeving. De organisatie heeft dan geen grip op de berichten. Dit kan ook tegen de organisatieboodschappen ingaan en zo een tegengesteld effect veroorzaken.
  3. Met interne tool
    Binnen Noordhoff Uitgevers en binnen Stoas heb ik erg positieve ervaringen met Yammer. Met deze microblogging tool kun je berichten delen met enkel de mensen van je eigen organisatie of speciale groepen maken met bijvoorbeeld je toeleveranciers of grote klanten. Een erg prettige manier om snel van elkaars projecten op de hoogte te zijn, relevante informatie te delen of vragen te stellen. Als je meer zoekt dan het microbloggen dan  is een tool als Elgg heel goed te gebruiken.

En natuurlijk is het slim om automatisch te zoeken of iemand iets twittert over jouw project of organisatie. Zo kun je snel reageren als er wordt geklaagd of als iemand een mooie tip voor je heeft. Zo heeft de marketingmanager van MindMeister al een paar keer contact met me gezocht (zie mijn eerdere blogpost).

Wat is voor jou de waarde van Twitter?

Iedere tweep wil ik heel erg bedanken voor de inspiratie. Speciale dank naar een aantal voor mij speciale tweeps in willekeurige volgorde: @DieterM, @ranver, @Dagnespresso, @wrubens, @erwblo, @Helikon, @Bilsen, @siavogel, @mariekemove, @peterdevisser, @jvondermans, @mediafritswijs, @jeroencl, @PeterMcAllister, @robvdhoed, @mathiepe, @Sas2112, en natuurlijk last but not least @CarlaMondig en @florinablokland!

Tagged with:
Jun 30

Rond 2000 heb ik voor het eerst gewerkt met een omgeving waarin je een virtuele klas bedient. Ook wel webinar of e-seminar omgevingen genoemd. Ik kan me WebEx nog herinneren en een product van Xerox (geloof ik) waarbij je met telefoon naar een server in de US moest bellen. Vervolgens zat dat 30 seconden vertraging op. In 2008 schreef ik over de tool DimDim (zie blogpost hierover). Nu ben ik voor een aantal klanten waaronder Fontys dit soort virtuele sessies aan het organiseren dus het was tijd voor een update en het inzichtelijk maken van een aantal tools. Ik heb vergeleken: DimDim, WebEx, GoToTraining en Adobe Connect.

Wanneer gebruik je deze tools?

Vaak worden deze omgevingen gebruikt bij een wat langer opleidingstraject waarbij klassikale sessies wat verder uit elkaar liggen of bij complete trajecten op afstand waarbij je tussendoor synchrone (gelijktijdige) contacten wilt faciliteren. Het aantal deelnemers kan van een paar tot een paar duizend variëren. Vaak duurt een sessie 1 tot 1,5 uur en kun je bij de meeste tools onderstaande functionaliteiten gebruiken:

  • audio en video (wel beperking aantal gelijktijdige gebruikers);
  • hand opsteken middels een icoontje/knop;
  • delen van PowerPoint presentaties of bestanden;
  • delen van een whiteboard (tekeningen maken);
  • websafari (deelnemers meenemen naar verschillende webpagina’s);
  • delen van applicaties op de PC;
  • meerkeuzevragen stellen;
  • de ‘presenter-rechten’ geven aan 1 of meerdere deelnemers (die dan zelf een presentatie kunnen geven bijvoorbeeld);
  • opnemen en embedden van de sessie (naslag).

Als facilitator ben je geneigd om zelf de hele tijd het woord te nemen zodat het een soort college wordt maar de meeste tools zijn ook geschikt om juist de deelnemers iets te laten presenteren. Zo gebruik ik het zelf als facilitator/trainer voor vragenuurtjes, verdiepingssessies maar bijvoorbeeld ook om deelnemers aan elkaar presentaties te laten geven over de projectvoortgang van groepen deelnemers. Ook gebruik ik zelf de tools om snel met klanten wat dingen door te nemen. Het kunnen dus ook hele korte en ad-hoc sessies zijn.

Wat zijn de verschillen?

Tegenwoordig is de kwaliteit wel goed over het algemeen. De functionaliteiten verschillen een klein beetje maar met name zit het verschil in de mogelijkheden om de pagina aan te passen aan je eigen huisstijl, het maximale aantal deelnemers en de kosten die aan het gebruik verbonden zijn. Het is nu wel betaalbaar om deze tools te gebruiken.

Een ander verschil zit in de noodzaak om al dan niet de applicatie te moeten downloaden. Sommige systemen kun je in een webbrowser bedienen, voor andere moet de gebruiker een programma downloaden. Dit kan voor bedrijven en organisaties ook nog wel wat extra implementatietijd en -problemen opleveren.

Welke is het beste?

Er is niet 1 die absoluut de beste is. De keuze hangt af van je eigen wensen en de manier waarop je het in je leerprocessen wilt inzetten. DimDim springt er uit qua gebruikersgemak maar is minder betrouwbaar qua geluid en video (en is als enige als open source software te downloaden), WebEx is een prima tool maar niet de goedkoopste, GoToMeeting is fantastisch qua eenvoud én uitgebreidheid maar is ook flink aan de prijs en kent geen video en Adobe Connect is zeer uitgebreid, goed te betalen maar een beetje ingewikkeld.

Hoewel mijn voorkeur eerst erg bij DimDim lag heb ik (ook in de Proversie) veel performance problemen ondervonden. En als tijdens de sessie steeds het geluid of andere functionaliteit wegvalt is de flow uit het proces. Een applicatie moet betrouwbaar zijn. Mooie van DimDim is wel dat er een gratis gehoste versie te gebruiken is. Als je dit gebruikt in combinatie met bijvoorbeeld Skype heb je gratis een mooie set aan functionaliteit tot je beschikking.

Nog meer opties?

Ja, bovenstaande applicaties zijn de applicaties waarmee ik zelf ervaring mee heb opgedaan de afgelopen jaren. Er zijn er nog veel meer die soms afwijken qua functionaliteit maar wel interessant kunnen zijn als je met meerdere mensen online wilt overleggen. Wat alternatieven:

  • Skype
    1 op 1 met video en schermdeling. Gratis. Bij Skype kun je tot 25 mensen in een conference call zitten waarbij alleen audio gebruikt wordt.
  • FlashMeeting
    In 2007 schreef ik over deze tool. Ontwikkeld door de Open University in de UK en prima geschikt voor verschillende audio- en videobronnen. Gratis te gebruiken voor bepaalde groepen mensen. Zie de website voor de huidige mogelijkheden.
  • ooVoo
    Relatief nieuwe tool waarmee je met meerdere mensen een videochat kunt uitvoeren. 1 op 1 is gratis, voor meer mensen kan per maand of per keer betaald worden. Je betaalt per gebruiker, zie de site.

Gewoon beginnen?

Bij alle tools kun je een proefaccount aanvragen. Hieronder de info daarover:

  • DimDim
    Gratis account voor onbepaalde tijd. Een proefversie van Proversie is mogelijk na telefonisch contact. Zie de site.
  • GoToTraining
    Proefaccount voor 30 dagen voor 25 gebruikers. Ook mogelijkheid om GoToMeeting uit te proberen met hetzelfde account. Je moet wel je creditcardinformatie invoeren. Zie site.
  • WebEx
    Proefaccount voor 14 dagen voor 25 gebruikers. Zie site.
  • Adobe Connect
    Proefaccount voor 30 dagen voor verschillende tools die erin verwerkt zijn. Je hebt je gratis Adobe account nodig of kunt dit aanvragen. Zie de site.

Document met overzicht

Een vergelijking op hoofdpunten vind je in dit Overzicht webinars (PDF, 127 KB).

Mocht je zelf nog alternatieven hebben of je ervaring over een van deze producten willen delen: reacties zijn van harte welkom!

Tagged with:
May 02

Vorige week was Fabrizio Cardinali op bezoek bij Stoas. Fabrizio is CEO van Guinti Labs en voorzitter van de ELIG. Hij was in Nederland voor een Stoas seminar over content management. Mijn collega Rens stelde hem wat vragen, ik filmde. Een verder videoverslag van het seminar (van mijn hand) volgt nog.

De vragen die we stelde aan Fabrizio Cardinali:

  1. What is your vision on nearby and future developments within the e-Learning field?
  2. How do you look at the trend of so-called ‘Rapid e-Learning’?
  3. Why should or shouldn’t you invest in learning content management?
  4. Can you give some examples when you advise not to use an LCMS?
  5. What is your opinion on open source and open source as a software development company?
  6. Implementing a solution like learn eXact Enterprise, is that extensive and complex process?

LCMS nuttig?

Ik vond het interview en het seminar erg interessant. Ik werd aan de ene kant kritischer op systemen als een Learning Content Management Systeem (LCMS), aan de andere kant vond ik het een inhoudelijk sterk verhaal met een goede onderbouwing en een levendige visie. Zie voor een introductie op een LCMS het Wikipedia artikel.

Mijn gevoel (en ook mijn ervaring) vertelt me dat de implementatie van een LCMS een erge complexe en omvangrijke operatie is die maar voor een klein deel van de e-Learning ontwikkelteams en organisaties relevant is. Een LCMS is een interessante en waardevolle optie als:

  • je als organisatie grote hoeveelheden e-Learning ontwikkelt;
  • je erg veel updates uitvoert;
  • je werkt met een grote groep ontwikkelaars;
  • je e-Learning content is opgedeeld in relatief kleine eenheden (discussie rondom RLO, zie ook dit artikel uit 2002);
  • je een grote mate van herbruikbaarheid van kleine eenheden van dit materiaal nastreeft en echt wil realiseren;
  • je de content in grote mate wil personaliseren (op groepsniveau of individueel niveau).

Met name dat laatste vind ik heel waardevol. Met een LCMS ben je goed in staat om te differentiëren op taal, voorkennis, multimediavorm, stijl, vormgeving op elk gewenst niveau. En om het dan nog krachtiger te maken kun je dit nog uitbreiden met een persoonlijk leerpad waarbij je aan de hand van voorkennis en competenties kleine leereenheden uitserveert naar de lerenden die precies passen bij zijn/haar leervraag. Hier kun je absoluut winst behalen, op alle fronten (rendement, financieel, ontwikkeltijd, onderhoud).

LCMS niet nuttig?

Zelf geloof ik veel minder in 2 voordelen die vaak genoemd worden bij een LCMS: herbruikbaarheid en multichannel uitleveren. Dat laatste betekent dat je inhoud bijvoorbeeld uitlevert op papier, op een computerscherm en via mobiele telefoons. Ik denk dat je vanuit didactisch oogpunt erg verschillend materiaal moet maken en dat je het ontwerp per device op hun specifieke kwaliteiten en kenmerken moet baseren. Ik geloof niet zo dat je met een systeem met 1 druk op de knop zoiets goed kunt doen. Brengt me bij mijn tweede punt; herbruikbaarheid. Theoretisch gezien is herbruikbaarheid mooi: minder kosten, veel consistentie. In 2000 heb ik al eens meegedaan met een Europees R&D project waar herbruikbaarheid belangrijk was. In de praktijk bleek dit moeilijk: goed metadateren kost veel tijd en kunde, vaak was het goedkoper om een leerobject opnieuw te maken. Mensen vonden het ook moeilijk om materiaal van een andere 1-op-1 te hergebruiken. Eigen materiaal maken had vaak de voorkeur.

Een essentiëler probleem vind ik liggen in de basisgedachte van een LCMS: de content wordt gemaakt door een groep experts/ontwikkelaars. Er is weinig ruimte voor ontwikkelingen zoals informeel leren en user generated content. Het zou mooi zijn als een LCMS bijvoorbeeld ook faciliteert dat de inhoud kan worden aangevuld door de gebruikers. Ik geloof niet dat content alleen gemaakt wordt door ontwikkelaars, zie ook mijn eerdere blogpost. Wat vinden jullie?

Nawoord/aanpassing:

Job heeft in de comments de onderstaande opmerking gemaakt. Ik denk dat de opmerking relevant is en wil graag hier in de post nog een reactie geven. Job zei:

Ben het niet helemaal eens met je bezwaar tegen multichannel. Ik denk ook niet dat het zinvol is om 1-op-1 content die ontwikkeld is voor pc over te zetten naar mobiel. Wel denk ik dat bepaalde assets herbruikbaar zijn (bijvoorbeeld video). Een goede assetslibrary kan dan handig zijn.

Hij heeft gelijk. In mijn post heb ik het wat zwart/wit omschreven. Ik geloof niet in de ‘Publish to all’ functionaliteit waarbij je geen hernieuwd ontwerp maakt. Wel geloof ik in het hergebruik van assets (kleinste herbruikbare eenheden; video, afbeeldingen etc.) zoals video. Als je die maakt met het idee van toepassing op meerdere platforms dan heb je daar wel degelijk herbruikbaarheid te pakken. Dit zelfde geldt wellicht voor een deel van de graphics. Voor tekst zie ik dat veel minder gebeuren. Wel vind ik dat je ontwerp dieper moet gaan dan het simpelweg beschikbaar stellen van dezelfde cursus. Zie ook eerdere blogpost over mobiele Moodle toepassing. Voor een dynamisch en controleerbaar hergebruik zoals Job beschreef is dan de inzet van een systeem zoals een LCMS wel onontbeerlijk.

Foto-impressie van het seminar:

Video-impressie van het seminar:

Tagged with:
Feb 27

Jay Cross, de koning van het informele leren (zie ook zijn blog) biedt sinds kort ‘leeractiviteiten’ aan die ik volg. Ik weet niet zo goed hoe ik het anders moet noemen. Het is geen cursus maar een verzameling vragen die je automatisch krijgt voorgeschoteld. Cross maakt in deze gratis cursus gebruik van de website SpacedEd. Een mooie manier van leren.

De site SpacedEd is gebaseerd op Spaced Education. Zelf zeggen ze hierover:

Spaced education is a novel method of online education developed and rigorously investigated by Dr. B. Price Kerfoot (Associate Professor, Harvard Medical School). It is based upon two core psychology research findings: the spacing effect and the testing effect. In more than 10 randomized trials completed to date, spaced education has been found to:

  • Improve knowledge acquisition,
  • Increase long-term knowledge retention (out to 2 years),
  • Change behavior,
  • Boost learners’ abilities to accurately self-assess their knowledge.

Wikipedia schrijft over Spaced Learning het volgende:

Spaced learning is a teaching method in which the educational content is repeated three times, with two 10-minute breaks during which physical activity is performed by the students.

Wel wat apart dat het net een andere uitleg is met andere wetenschappers maar het gaat om het principe van herhaling. En dat is een nogal stabiele factor in ons begrip over leren, daar kunnen we iets bij voorstellen.

Vragen en feedback

Jay Cross is nu gestart met een reeks vragen rondom informeel leren. Met een interval (die zelf gekozen kan worden) krijgt u een vraag per mail.

Na een klik in de mail komt u op de SpacedEd website en wordt de meerkeuzevraag (variant 1 goed of meerdere goed zijn mogelijk) beantwoord:

Er wordt direct feedback gegeven:

Vervolgens krijgt u inzicht in de antwoorden van andere lerenden die deze vraag hebben beantwoord en u krijgt de mogelijkheid om extra uitleg te krijgen, al dan niet op dezelfde pagina. Ook kunt u hier ervoor kiezen om deze vraag NIET meer voorgeschoteld te krijgen:

Na het beantwoorden van de vraag, of meerdere vragen, komt u in het overzichtsscherm waar u ook direct wat instellingen kunt veranderen:

Waarom interessant?

Zelf volg ik nu twee ‘cursussen’ en ik merk dat het me weinig tijd kost en toch aan het denken zet. Op een paar momenten ben ik echt het verdiepingsmateriaal gaan gebruiken. De inhoud van Jay Cross vind ik aardig maar ook een praktische cursus (over iPhone) blijkt me toch veel leerwinst op te leveren.

Het is een adaptieve manier van leren die snel en aardig werkt. De website werkt prettig, met voldoende instellingsmogelijkheden en niet alleen kunt u er vele gratis cursussen volgen maar de Spaced Learning methode kunt u met deze website ook eenvoudig zelf inzetten. Een cursus is snel gemaakt. Gewoon proberen dus!

Tagged with:
Jan 03

Een tijd geleden is Yvonne Brinkman, vormgever en ex-collega, mijn visitekaartjes gaan ontwerpen. Ze zijn nu bijna gedrukt! De vormgeving van mijn blog kan daarom ook een vernieuwingsslag gebruiken. Dat is nu gebeurd, bij deze een beschrijving van de manier waarop ik de vormgeving heb ingericht.

WordPress

De software die ik gebruik om te bloggen is WordPress. Dit prima open source pakket is erg eenvoudig in gebruik en biedt prima functionaliteiten. Je kunt het pakket zo downloaden en op een eigen server zetten. Een andere optie is om het te laten hosten. Sinds jaren heb ik een abonnement bij xYnta. Voor enkele tientjes per jaar kan ik met een druk op de knop bruikbare applicaties installeren. WordPress is zo ook beschikbaar. Maar ook Moodle heb je zo geïnstalleerd (zie een eerdere blogpost).

De applicatie WordPress biedt goede functionaliteiten en is met bijna 8000 plug-ins uit te breiden zodat je precies de functionaliteit hebt die je wenst.  Daarnaast is ook nog de vormgeving prima aan te passen. Er zijn ruim 1000 zogenaamde ‘themes‘ die gratis te gebruiken zijn. Een theme is een set aan vormgevingselementen (knoppen, CSS-bestanden, etc.). Themes zijn te vergelijken met templates in PowerPoint of Keynote.

Wat als je beperkte technische kennis hebt?

WordPress zelf is zonder technische kennis prima te gebruiken. Een theme installeren is ook een kwestie van een paar klikken. Het aanpassen van de vormgeving vraagt wel wat kennis. Zo is het handig als je zelf met een grafisch pakket je eigen knoppen en afbeeldingen kunt aanpassen. Zelf heb ik daar de website Picnik voor gebruikt en de programma’s Acorn en Picturesque. Om de CSS-bestanden aan te passen heb ik het programma Espresso gebruikt.

Ook helpt het bij WordPress aanpassingen wel als je wat basiskennis hebt van HTML. Een site als WebMonkey is erg handig met hele tutorials en cheatsheets. Toch liep ik, als niet techneut, tegen problemen aan die ik niet kon oplossen. Op Twitter meldde ik het probleem dat ik had en direct bood Wouter Tinbergen (@woutertinbergen) zijn hulp aan. Het probleem werd door deze kenner al snel ontdekt en oplost. Bij deze nogmaals bedankt!

O ja, als je de browser FireFox gebruikt dan is de add-on FireFTP een hele handige manier om je bestanden te uploaden op je server. Je doet dit snel binnen de browser. Wouter gebruikt ook een add-on binnen FireFox waarmee je codes kunt controleren en nog veel meer. Als je websites maakt, controleert of aanpast dan is Firebug zeker aan te raden.

Mocht iemand nog opmerkingen, tips of vragen hebben dan hoor ik het graag!

Tagged with:
Dec 14

Als je een website, leeromgeving of (mobiele) applicatie maakt dan is het altijd slim om eerst op papier te gaan ontwerpen. Om een bepaald interactie ontwerp met de klant en anderen door te spreken is het handig om een soort proef te maken. In e-Learning/webdesign land vaak aangeduid met de aparte term ‘Mock-up’. Wat is het en hoe kun je ze maken?

Wat is een Mock-up?

Volgens Wikipedia is een mock-up:

…een tijdens de ontwerp- of productiefase op schaal of op ware grootte gemaakt model van een ontwerp of product. In de software-industrie komt het begrip tevens voor om vroeg in het ontwikkelproces het software-ontwerp qua gebruikersinterface te testen. Een mockup wordt voornamelijk gebruikt voor demonstraties, lessen, evaluaties of promotie. Een mockup krijgt pas de term prototype als het ontwerp ook echt werkt. Meestal zijn de mockups dus voorbeelden qua uiterlijk.

Vaak wordt een mock-up in eerste instantie op papier uitgewerkt. Zelfs dan kun je met gebruikers al enigszins gekunsteld het interactieproces doorlopen en kijken hoe de gebruikers je ontwerp ervaren. Een andere veelgebruikte vorm is die van een  PowerPoint presentatie. Je klikt dan door verschillende schermen en maakt hyperlinks. Op die manier kun je snel duidelijk maken wat de bedoeling is. De verwachtingen van eenieder wordt duidelijk en hoewel het maken van een goede mock-up veel tijd kost, kan het je veel dure ontwerpfouten en communicatiefouten besparen. De tijd win je later altijd terug.

Wat is een mock-up niet?

Zoals Wikipedia al aangaf is het geen werkend proto-type. En dat is voor sommige mensen (waaronder klanten of opdrachtgevers die nog niet eerder met het fenomeen mock-up hebben gewerkt) moeilijk. Bij een mock-up let je op het interactieontwerp  (wat doet iemand op welk moment op je site, op welke manier en op de grote lijnen. Het is minder tot onbelangrijk hoe de site/applicatie/omgeving er precies uit komt te zien.

Soms merk ik daardoor dat het beter is om het voorbeeld niet erg te laten lijken op het beoogde eindresultaat. Anders gaan mensen commentaar leveren op details en verliezen het geheel uit het oog. Als je de vraag krijgt “kun je die balk ook een andere kleur geven” dan heb je het niet goed gedaan 😉

Maken van een mock-up; handige tools

Een van de manieren is met de computer maken van een mock-up. Ik heb ervaring met een aantal. Ten eerste heb ik wel eens Microsoft Visio gebruikt om snel een eerste mock-up te maken. Het kan er wel mee maar is er niet specifiek voor gemaakt en dat merk je. Net iets minder handig dan speciale mock-up applicaties.

Een gratis te gebruiken online tool om een mock-up voor specifiek een iPhone applicatie te maken is deze. Hier sleep je met elementen, verander je tekst en stuur je de url door naar iemand anders. Nadeel is dat het redelijk beperkt is, dat je geen klikbare mock-up kunt maken en dat je niet kunt exporteren. Wel kun je twee verschillende stijlen kiezen. Hieronder zie je de strakke versie en een versie die meer handmatig geschetst lijkt. Misschien is die tweede wel handiger om te gebruiken.

mockup1Mock-ups gemaakt met http://iphonemockup.lkmc.ch

Hans de Zwart gebruikte in zijn post over de Moodle app een programma om mock-ups te maken dat veelzijdiger is en dat je kunt downloaden (niet gratis). Dit programma Balsamiq is er voor zowel Windows, Linux en de Mac. Balsamiq  is wat breder dan de website die ik net noemde. Je kunt er zeer veel verschillende mock-ups mee maken. Op een eenvoudige manier sleep je elementen naar de plek waar je wilt en je hernoemt teksten. Er is een behoorlijke bibliotheek aan elementen en die is nog uit te breiden met elementen die door andere gebruikers zijn gemaakt (zie hier). Een export is op vele manier te maken.

balsamiqApplicatie Balsamiq waar een scherm snel te maken is.

Een derde (webbased) applicatie om mock-ups te maken is Mockingbird. Deze site is gratis om te gebruiken en het aardige hieraan is het feit dat je meerdere pagina’s kunt maken. In de preview zijn er dan mooie pagina’s te zien. Die kunnen overigens ook nog gelinkt worden. Helaas zijn er minder specifieke sets aan elementen te vinden voor bijvoorbeeld de iPhone of andere devices. Daarentegen is het erg eenvoudig in gebruik en is het eenvoudig om de resultaten te delen middels een link of door het te embedden op je site.

mockingbirdDe webbased (en gratis) tool Mockingbird

Laatste en wat mij betreft mooiste online tool is MockFlow. Deze site is gratis (met paar restricties) en ook betaald waarmee je dan alle opties krijgt. Voor mijn gevoel combineert deze applicatie de voordelen van voorgaande opties. Een grote bibliotheek helpt je op weg, je kunt online alles doen en je mock-up goed presenteren. Mooiste van deze tool is dat je van de ene pagina naar de andere kunt klikken. Erg goed!

mockflowMockflow combineert alle mooie functies van de andere applicaties

Heb jij nog goeie tools die je hiervoor gebruikt of heb je een mock-up gemaakt die je wil delen om anderen te inspireren: laat het weten in de comments!

Tagged with:
preload preload preload