Mar 05

Veel e-Learning ontwerpers en ontwikkelaars gebruiken een strak model om het hele ontwerp- en ontwikkelproces te structureren. De moeder van alle Instructional Systems Design modellen (ISD) is ADDIE. De Florida State University heeft dit model al erg lang geleden bedacht en het model is nog steeds veel in gebruik. Toch kent het model veel nadelen. De wereld en de eisen aan de kwaliteit en de snelheid van het ontwikkelproces zijn veranderd. In deze blogpost beschrijf ik een effectievere manier om e-Learning te ontwerpen en te ontwikkelen.

ADDIE als waterval model

ADDIE (zie ook Wikipedia) is een zogenaamd watervalmodel. Het originele model gaat uit van 5 fases die je na elkaar doorloopt. In de loop van de tijd zijn er vele varianten in gebruik geraakt die wat flexibeler zijn en wat iteratiever van aard.

_addie Het lastige aan een model als ADDIE ligt in de versnipperde aandacht van het team en het feit dat niet alle soorten experts bij elke fase betrokken zijn. Dit heeft tot gevolg dat het ontwikkelproces lang duurt, en meer tijd kost. Als ik kijk hoe we dit bij Stoas Learning deden (heet nu Up learning) dan was ADDIE vaak nog het model dat leidend was. En de fases werden meestal achter elkaar doorlopen. Dit had een paar effecten:

  • Sommige e-Learning professionals zoals grafisch vormgevers werden pas in latere fases betrokken. Dit zorgt voor een lagere kwaliteit van het eindproduct en je respecteert dan niet de expertise van deze mensen. Dit is niet bevorderlijk voor de motivatie.
  • Professionals zijn bezig met kleine onderdelen van het resultaat en missen daardoor het overzicht en de betrokkenheid. Je hebt minder kennis en gevoel voor het product.
  • Doordat je het ontwikkelteam ver van de ‘echte klant’ afstaat krijg je vlugger een abstractie van de werkelijkheid. Dit zorgt voor minder aansprekende e-Learning: het gaat van inhoudsdeskundige naar eindresultaat over teveel schijven en verliest zijn ziel en glans.
  • Pas aan het einde van het ontwikkeltraject werd er echt getest met de doelgroep (en soms gebeurde dit pas na oplevering).
  • Fouten die in de ene fase werden gemaakt (of misconcepties, verkeerde aannames, etc.) werden in een latere fase ontdekt en dan kostte het vaak veel werk en geld om de fout weer te herstellen. Er moet soms veel werk over worden gedaan.
  • Door het watervalmodel moest je op elkaar wachten en dat kost tijd. De doorlooptijd was groot.

Nieuwe aanpak nodig

Een nieuwe aanpak is nodig om de snelheid te verhogen, de kosten te beperken en de kwaliteit te verhogen. Ik zie in de offertetrajecten (voor het maken van e-Learning content) die ik bij organisaties begeleid dat e-Learningbedrijven soms twee productieprocessen aanbieden waarvan het eerste het traditionele ADDIE methodiek volgt en de tweede een iteratief, kort en agile proces voorstaat. Er is duidelijk een verschil in de twee varianten die ze offreren; de tweede agile variant heeft een kortere doorlooptijd, een lagere investering in tijd en een lagere prijs. De resultaten zijn minimaal zo goed.

Ook ben ik zelf steeds meer betrokken bij ontwerp- en ontwikkelprocessen waarbij wordt gezocht naar een effectievere ontwerp- en ontwikkelmethodiek. Om me hierin beter onderbouwd te bewegen volg ik binnenkort een training om Scrum master te worden. Scrum is niet helemaal hetzelfde als agile maar wel een bruikbare vorm denk ik. Het is vooral in softwareontwikkeling een veelgebruikte methodiek. Voor een uitgebreide uitleg over Scrum kun je de prima ‘Scrum Reference Card‘ bekijken van Michael James.

Leaving ADDIE for SAM

Een boek dat ik iedereen die het ADDIE model wil heroverwegen en die zoekt naar een goed alternatief kan aanraden is ‘Leaving ADDIE for Addie for SamSAM, An Agile Model for Developing the Best Learning Experiences‘. Hierin beschrijft Michael Allen welke werkbare alternatieven er zijn. De titel geeft al aan dat het gaat over het ontwikkelen van leerervaringen en Allen laat in de introductie niet alleen zien dat een nieuwe manier van ontwikkelen gewenst is maar dat we ook meer kunnen en moeten opleveren dan de pure e-Learning content die we nu vaak opleveren.

In de eerste hoofdstukken schetst hij een waardevol beeld van wat e-Learning zou kunnen zijn. Door de focus op e-Learning onderscheidt het model van Allen zich van de algemenere en meer op de softwarebranche gerichte methodieken als Scrum. Het model SAM dat door Michael Allen wordt voorgesteld is er in twee varianten en  staat voor “Successive Approximation Model”. Hierin ga je heel iteratief te werk en werk je met de echte gebruikers vanaf het begin samen. Je zit dicht bij de praktijk van de gebruikers en probeert in elke fase veel uit met prototyping.

Dit steeds proberen en direct bijsturen past beter bij de complexe werkelijkheid waarmee we te maken hebben. In het Cynefin framework (zie Wikipedia) zie je dat je in een complexe situatie niet goed kan uitgaan van resultaten uit het verleden en dat 3 zaken belangrijk zijn:

  1. Probe
  2. Sense
  3. Respond

Het SAM model van Michael Allen ziet er schematisch zo uit:

_samproces

Een registratie van een webinar van een uur over SAM kun je hier bekijken.

Design Thinking for Educators

Ik zie een aantal ontwikkelingen ontstaan die allemaal hetzelfde proces beter en iteratiever proberen te maken. Een andere methodiek waar ik met plezier mee werk is Design Thinking. Dit is een methodiek afkomstig van het vooraanstaande ontwerp- en innovatiebureau IDEO. Ook in deze methodiek wordt er gedacht vanuit de gebruiker/lerende en vindt er veel iteratie plaats. Het gave is dat ze de methodiek van Design Thinking, die vooral in product- en diensteninnovatie wordt gebruikt, hebben toegepast op het onderwijs.

Voor het Amerikaanse basisonderwijs hebben ze erg veel gedaan en stellen ze de zeer praktische en uitgebreide ‘Design Thinking for Educators Toolkit’ beschikbaar. Via deze pagina vind je meer informatie. Er lijkt nu een technisch probleem te zijn met de pagina van het project, daarom bij deze de DesignThinkingForEducatorsToolkit (.zip van 5,4 MB) met daarin een pdf met de Design Thinking Toolkit, een Designers workbook en een leeg Designers workbook.

Visualisatie van het proces volgens de Design Thinking for Educators methodiek van IDEO:

 

_DTfE

Tagged with:
Dec 08

Finland komt in internationale onderzoeken erg goed uit de bus als het gaat om het niveau en de resultaten van het onderwijs. Tijdens het Nationaal Hoger Onderwijs Congres op 26 en 27 november 2013 sprak Pasi Sahlberg het publiek toe middels een video over het Finse onderwijs. Aan mij de eer om een dag eerder uitgebreid Pasi Sahlberg via een webinar een paar vragen te stellen (dit verklaart ook de matige videokwaliteit).

_finnishPasi Sahlberg heeft wereldwijd expertise opgebouwd op het gebied van onderwijsvernieuwing, schoolverbetering, de opleiding van leraren en leiders en het adviseren van beleidmakers en overheden. Hij heeft zojuist een boek uitgebracht met de titel “Finnish Lessons: What Can the World Learn from Educational Change in Finland?“. Te verkijgen via o.a. Amazon.com.

Sahlberg introduceert in het eerste deel van de video het Finse systeem en geeft aan waarom de resultaten bereikt worden dankzij deze manier. Een prachtige term die hij gebruikt is ‘Collective autonomy’ voor docenten waarmee hij aangeeft dat er minder regeldruk van boven is in het Finse onderwijsbestel en dat de docenten autonoom zijn in hun (didactisch) handelen maar dit niet alleen doen en dat er heel veel wordt samengewerkt met collega’s. Op vele verschillende manieren wordt er kennis en ervaring gedeeld.

In het tweede deel stel ik Pasi drie vragen die hij uitgebreid beantwoordt:

  1. The task of the educational system is to educate today’s youth for a society and also for occupational groups, of which we only know the framework. Even 21st Century skills are at this moment only a difficult to define thought. In what way could teacher’s and schools of today anticipate on those ideas effectively?
  2. We educate teachers for the Europe of 1975. On many work fields students are far ahead of the teachers, which undermines the authority and the impact of the teachers. What is your idea of Teacher Training in 2015?
  3. People everywhere talk about the fact that schools and the educational system must be a structurally learning environment. We tell each other that all teachers practice what they preach: life long learning. That is often not true. How do we structurally change that for the better?

Ik wil Pasi bedanken voor het delen van deze waardevolle inzichten! Ben je erbij geweest of ken je zijn ideeën dan ben ik benieuwd naar je mening hierover, je reactie is van harte welkom!

Tagged with:
Oct 21

 

e-Learning is een commodity geworden. Overal en op veel manieren kun je leren via e-Learning. Dit is een oproep om met meer inspirerende, goede e-Learning te komen. e-Learning die je raakt, e-Learning met een ziel.

Memorabele leerervaring?

Iedereen heeft wel een docent waar je met veel plezier aan terugdenkt. Iemand die je heeft geraakt, iemand die je liefde voor een vak heeft bijgebracht, iemand die je persoonlijk verder heeft geholpen. In trainingen en opleidingen vraag ik vaak aan mensen om hun ogen dicht te doen en een leerervaring terug te halen die memorabel was. Daar komen fantastische verhalen uit waarin mensen hun eigen grenzen verkennen, een raak verhaal horen, zelf actief zijn, etc. Al honderden mensen heb ik laten analyseren wat deze leerervaring nu memorabel maakt. Nog nooit heb ik gehoord dat iemand een e-Learning ervaring inbrengt. Waarom niet?

Content is niet hetzelfde als leren

Ruth Colvin Clark zegt in haar prima boek ‘Evidence-based Training Methods’ het volgende:

_blog2

Ze bedoelt hiermee dat simpelweg het beschikbaar stellen van inhoud nog niets zegt over het leren en het leerrendement.

Veel e-Learning is gebaseerd op het idee dat je een professional door content laat klikken. Aan het eind volgt de toets en/of casus. Er komt een prachtig vinkje in het learning management systeem en het leren is afgerond. Volgens mij wordt de visie op leren die hier bij hoort prima gevisualiseerd in deze tekening van Jean-Marc Côté (uit 1899):

learningmachine-Postcard from the World’s Fair in Paris-Circa 1899 A Futuristic Image of Learning At School in the Year 2000 Image Source via Wikimedia Commons

 

Alternatieven?

_blog1Hoe kan het dat e-Learning soms zo weinig verschil maakt? Het lijkt wel of de experts die bij het ontwikkeltraject zijn betrokken alleen opnoemen wat de inhoud is. Terwijl deze inhoudsdeskundigen op andere momenten (bijvoorbeeld in een klassikale les, een workshop of een presentatie) vol vuur de lerenden inspireren! Het lijkt alsof er in het ontwikkelproces veel verloren gaat.

Volgens mij moeten we als onderwijskundig e-Learning ontwerpers niet denken in content maar in leeractiviteiten. Learning Design is dan de kern. Hierbij ontwerp je het leertraject en probeer je op een afwisselende manier de lerende te activeren. We herdefiniëren dan ook de rol van lerende. Die heeft niet enkel de rol van consument van content maar heeft een actieve rol. Hij wordt betrokken bij het leerproces en beleeft de leeractiviteit. In mijn woorden: de lerende krijgt een krachtige leerbeleving.

IDEO (beroemd ontwerpbureau) heeft een mooie ontwerpmethodiek toegepast op het ontwerpen van leren. Hun Design Thinking for Educators Toolkit bevat vele mooie handvatten om anders te ontwerpen. Een paar pdf’s helpen je snel op weg.

Verder doe ik inspiratie en goede ideeën op met boeken zoals:

Hoe geef jij e-Learning een ziel?

Graag hoor ik op welke manieren jij ervoor zorgt dat ook e-Learning de vonk kan overbrengen? Hoe ontwerp jij? Geef een reactie met jouw tip/idee/boek/inspiratie! 

Ter inspiratie een uitspraak van Butler Yeats die ik op de wand bij TinQwise tegenkwam:

_blog3

 

Tagged with:
Sep 01

Op 27 en 28 augustus vond de Summerschool Innoveren van Kennisnet plaats. Gedurende 5 dagdelen was er een intensief programma ontworpen voor zo’n 35 onderwijsprofessionals. Een paar hoogtepunten van de summerschool vind je in deze blogpost.

In de inspiratieruimte De Verdieping bij Kennisnet in Zoetermeer was onder de bezielende leiding van Daniella Overbeek en Olaf de Groot een gevarieerde groep professionals bezig met het thema Innoveren. De eerste dag gingen we na een introductie vooral aan de slag met proeven, discussies en workshops. De tweede dag bezochten we een innovatieve school en gingen we aan het strand met ons eigen idee aan de slag.

Welke thema’s stonden op de agenda?

De aftrap werd gedaan door Madelief Keyser, programmamanager innovatie bij Kennisnet. Ze gaf aan wat de trends en technologische ontwikkelingen zijn. Wat punten en uitspraken:

  • Technologie daagt het onderwijs uit, we moeten nadenken over wat onze rol en betekenis is, wat dit betekent voor de docent en we moeten kritisch kijken waar de kracht van contactonderwijs ligt.
  • De technologie maakt het mogelijk dat we mensen in het onderwijs NIET meer enkel groeperen op leeftijd maar bijvoorbeeld op niveau.
  • Belangrijke onderwijsvraagstukken zijn: Personaliseren, Samenwerken met de omgeving, Kwaliteit en meten en Doelmatigheid.
  • ICT fundament bestaat uit: Cloud computing, Digitaal leermateriaal, Mobile devices en Wifi.
  • Madelief geeft aan dat we gaan kijken naar DIY, Quantified self, non-formele leeromgeving, learning analytics, personaliseren en embodied learning.

Een goede en heldere introductie die de groep enthousiast maakt.

Workshop DIY

Olaf de Groot gaf eerst een goede introductie op zijn DIY-sessie. Hij vertelt dat Chris Anderson al aangaf dat we de virtuele dingen nu offline gaan realiseren. 3D-printing (zie bijvoorbeeld www.shapeways.com is daar een voorbeeld van. Maar ook initiatieven zoals Maker Faire waar mensen samenkomen en dingen maken. We gaan in deze workshop aan de slag met proefjes. Met een groep van 3 krijgen we de opdracht om uit te zoeken wat we kunnen met azijn, een flesje, wat plastic, een kurk en bicarbonaat. Anderen gaan muziek maken met aubergines en nog veel meer!

Het proces zie je in deze fotostrip (10 MB) terug, een filmpje geeft indruk van het eindresultaat.

Workshop Embodied Learning

_embod2Het zogenaamde ‘embodied learning’ is toegepast in een aantal installaties die worden ingezet in het onderwijs. Het is een experiment dat is opgezet door Kennisnet en De Waag Society. Kunstenaar Marloeke van de Vlugt heeft meegewerkt. Tijdens de summerschool heb ik dit mogen proberen. Je ging op een houten object vol sensoren staan en een kinect, webcam en computer zorgde ervoor dat je met je lichaam de computer kon besturen. Gaaf om te ontdekken en het brengt me op veel nieuwe ideeën. Op de foto hiernaast proberen 2 deelnemers op een andere installatie in een gelijke positie te komen. In de houten objecten is een hoop elektronica gebouwd. Bij elke beweging is er een ander geluid. De geluiden moeten hetzelfde zijn en dan moet je die positie 3 seconden vasthouden.

In een post op de site schrijven de initiatiefnemers over dit project:

Kennisnet, COMMIT en Waag Society onderzoeken op welke manier embodied learning een rol kan spelen bij het leren van 21st century skills, zoals samenwerken en creativiteit. Vragen die in dit kader worden onderzocht zijn: Zijn lichaam en beweging interfaces voor leren? Hoe kan het onderwijs worden verrijkt door ruimte en aandacht te geven aan interne en externe lichamelijke processen? Wat betekent dit voor het ontwerp van fysiek uitdagende vormen van mens-computer interactie en nieuwe leeromgevingen?

Ze hebben een flyer (pdf) gemaakt waarin onderdelen van de installatie worden uitgelegd.

In twee andere berichten vind je meer informatie over embodied learning:

Gesprek over non-formeel leren

Voor mij was dit een nieuwe term. Non-formeel leren is wat anders dan informeel leren. Het is namelijk wel gestructureerd. Voor mij was het belangrijkste verschil met formeel leren dat bij non-formeel leren geen bewijs zoals een diploma wordt geleverd. Misschien is niet-geïnstitutionaliseerd leren een duidelijkere omschrijving. Wikipedia geeft ook nog veel informatie over non-formeel leren.

_knss

Het gesprek werd geleid door twee jonge mensen, de een nog studerend, de ander gestopt met studeren en gestart met een eigen bedrijf. Voor mij was dit een interessante discussie waarin ik veel herkende van het DIY-Learning waar Hans de Zwart, Job Bilsen en ik mee bezig zijn geweest. Belangrijke conclusie voor mij was dat het formele onderwijs zich misschien wat meer open moet stellen voor niet traditionele manieren waarop studenten leren. Volgens mij is het belangrijk dat studenten/leerlingen een bepaalde bewijslast overleggen van het geleerde maar dat de weg naar dat leerdoel toe best buiten de school kan lopen. Misschien biedt Coursera, Lynda.com of YouTube wel een beter leertraject dan de onderwijsinstelling. Zaken zoals portfolio, proeve van bekwaamheid en open badges komen dan naar voren. Dit vergt wel een andere rol van de onderwijsinstelling.

Presentatie Quantified self en Learning Analytics

Joost Plattel had een aanstekelijk en mooi verhaal over Quantified Self. Vorig jaar heeft Hans de Zwart op het e-Learning Event nog een presentatie gehouden over QS. Op de blog van Hans vind je nog een aantal posts over QS. Joost gaf een inkijkje in zijn door data doorweven leven. Hij analyseert zelfs de data die van zijn OV-reisgedrag/kaart afkomstig is. Volgens Joost zijn er vier niveaus als je kijkt naar gegevens:

  1. Data
  2. Informatie
  3. Kennis
  4. Wijsheid

Joost liet verder zien hoe zijn muisgedrag was (op de PC) en steeds gaf hij aan waarom dat dit relevant was. Of het nu ging om reisgedrag, muisbewegingen of slaapcyclus, steeds ging het erom dat je met de informatie uit de data inzichten krijgt. Dit leidt vaak tot aanpassing van je gedrag. Ik herken dit zeker. Toen ik de FitBit ging gebruiken werd het opeens aantrekkelijk om trappen te gaan lopen en keek ik steeds hoe ik geslapen had. Belangrijk is het eigenaarschap van de data. Want ingewonnen data kan je gedrag bijsturen maar ook anderen jou anders benaderen. Denk aan verzekeringsmaatschappijen.

Mijn muisgebruik ziet er zo uit (gemaakt met IOGraph):

_Muis

Data onderzoek

Michael van Wetering, Manager innovatie van Kennisnet, gaf een helder en prikkelende uitleg over data onderzoek. Zijn prachtige prezi vind je hier (de tijdlijn met hoogtepunten in data is goed). De belangrijkste punten uit zijn presentatie:

  • Relevantie voor het onderwijs: er is veel data bij online leren.
  • Aanbieder kan ook volgen hoe zijn leermethode gebruikt wordt.
  • Er is data over het leerproces en over het leermateriaal.
  • Beweegredenen van aanbieder kunnen divers zijn: economisch, flexibiliteit, dienstverlening, informatie.
  • Beweegredenen van scholen kunnen zijn: verlagen administratieve last, inzicht, maatwerk, sturing en professionalisering.

Presentatie duurzaam innoveren in het onderwijs

Erwin Bomas van Kennisnet gaf aan dat hij in veel projecten betrokken was, een aansprekend voorbeeld was een project ‘Het leren van de toekomst’. Erwin geeft aan dat het proces van innovatie:

  • nieuw en nuttig is;
  • creativiteit nodig heeft;
  • een implementatie oplevert.

Erwin laat ook zien dat de brede acceptatie van nieuwe technologie steeds sneller gaat. Hij laat hierbij een prachtige grafiek zien.

_kncurve.jpg

Een andere nuttige visualisatie is de kennispiramide. Als je wacht op empirisch bewijs voor een innovatie dan moet je te lang wachten en zet je enkel oude technologie en methodiek in in je onderwijs.

De kennispiramide:

kennispiramide

Het Design Thinking van IDEO geeft volgens Erwin een mooie methodiek om te innoveren. Design Thinking for Educators bestaat uit een aantal PDF’s en is een handige en gratis tool.

McKinsey geeft aan dat excellente scholen de docent centraal stellen en dat het onderwijs continu verbeterd wordt. Tenslotte eindigt Erwin met de drie succesfactoren voor innovatie van het onderwijs:

  1. Heldere visie en missie
  2. Samenwerken
  3. Faal snel om eerder te slagen

Afsluiting

De Summerschool werd o.a. afgesloten met een bezoek aan een innovatieve school. Mooi voorbeeld van het moeizame proces van innoveren. Het viel me op dat de innovatie niet eens groot hoeft te zijn om spannend te zijn en de wereld van betrokkenen helemaal overhoop te gooien.

Het allerlaatste deel werd besteed aan het uitwerken en bespreken van ons eigen innovatieve idee. De hoofden werden leeggeblazen aan het strand en met een frisse blik kon iedere deelnemer aan het innoveren!

Dank aan Kennisnet voor deze bruikbare en inspirerende summerschool (zie ook een verslag op de Kennisnetsite) en ik raad iedereen aan om de agenda van Kennisnet in de gaten te houden!

In de tussentijd kun je de iOS app van Kennisnet over innovatie gebruiken.

Tagged with:
preload preload preload